Posts tonen met het label column. Alle posts tonen
Posts tonen met het label column. Alle posts tonen

Woongeluk: Een minivakantie van een kwartiertje.

 

Wij zijn echte Vlieland liefhebbers. Het vakantiegevoel begint voor mij altijd al in Harlingen waar we gezellig lunchen in het veerhuis voor we de overtocht maken met de middagboot. Als de boot wegvaart en gezellig toetert word ik altijd zo blij!

Ook als we eenmaal op Vlieland zijn is het ophalen van, ons bezoekende, mensen van de boot een waar genoegen. Met mooi weer fietsen we dan graag eerst naar het welkomstbord ‘Vlieland groet u’ om alvast naar ons bezoek op de passerende boot te zwaaien. 

En dan fietsen we snel naar het dorp om te zien hoe de boot aanlegt en de sliert van mensen er afloopt, op zoek naar hun bagage op de bagagekarretjes. Zo fijn om familie of vrienden te verwelkomen op ‘ons’ eiland.

Ook als we niemand hoeven ophalen is het heerlijk om bij Zeezicht een biertje met bitterballen of koffie met een ‘Zeezicht soes’ te bestellen en de gezellige drukte van aankomende en vertrekkende mensen aan de kade te aanschouwen.

Voordat we het allermooiste huisje van Vlieland in de duinen hadden ontdekt, waar we vele jaren een hele fijne tijd hebben beleefd, vierden we een aantal vakanties in een ‘stads’ huisje aan de Dorpsstraat, recht tegenover de bieb. Hoe mooi wil je het hebben als je zoveel van lezen houdt…

Wat we daar bijna elke dag deden was onze ochtendkoffie meenemen en - achter elkaar - door het steegje - dat heet op Vlieland een ‘glop’- naast het huisje naar de dijk lopen om daar op ‘ons’ bankje te zitten en te genieten van het kabbelende water, de mooie luchten, de zwermen vogels en de drooggevallen schepen. Als we daar zaten en ons hoofd naar links draaiden zagen we de ochtendboot mooi aankomen. Zo rustig zaten we daar met rond ons de zilte lucht en het geluid dat zo anders draagt over zo’n watervlakte.


Een beetje lezen of kletsen, af en toe diep de zeelucht inademen en mijmeren.

In Zutphen vinden we het ook heerlijk om een thermoskan koffie en broodjes mee te nemen en onder de schaduw van de bomen op de bult van Ketjen op ‘ons’ bankje te kijken naar het voorbij stromende water van de IJssel.

Er is altijd wat te zien: mensen aan de overkant van de rivier die met hun hond wandelen of op een strandje zitten, pleziervaart in allerlei soorten en maten, soms een kano, en grote, statige binnenvaartschepen die voorbij glijden waarbij soms de Oude IJsselbrug voor hen open moet; dat is ook altijd fijner om te zien vanaf dat bankje dan wanneer jezelf in de rij staat voor die brug. De treinen zien we er wegrijden of aankomen, bedrijvigheid van auto’s en fietsers.

Soms als het hoog water is zie je een enorme watervlakte waar je met ontzag naar kunt kijken en natuurlijk het steeds veranderende weer met een voorzichtig of juist uitbundig zonnetje, de wind die zwoel of fris is en de wolken die voorbij drijven of zich samenpakken voor een flinke bui. Altijd geeft aan het water zitten me een gevoel van vakantie.

En sinds we in de Noorderhaven wonen en het plezierhaventje daar is aangelegd, ben ik vaak zo blij als we heel eventjes ’een rondje dijk’ kunnen maken. Even aan de waterkant staan, in de verte naar het groen kijken, zien en voelen hoe de wind staat, de blauwe of de grijzige lucht zien, de reuring op het water en de oude schepen in de museumhaven. En als we de kans krijgen een mooie zonsondergang om te  bewonderen met zo’n oranje/rose/rode gloed.

Altijd als we daarvan terugkomen, ook al zijn we maar een kwartiertje weg, kan ik weer ademen en voel ik iets van mijn schouders glijden. Dat doet het water. Dat doet de IJssel.

Zo vlakbij, een minivakantie van een kwartiertje. Dat is ook woongeluk! 

PS Ik zou het prachtig vinden als op dat stukje dijk een bankje zou kunnen komen, waar we lekker even konden zitten om onze koffie te drinken. Misschien maar eens een poging wagen om dat aan te vragen bij het wijkteam….



Prachtige column van Marjan van den Berg!

 

Eenzaamheid is niet afhankelijk van het aantal mensen om je heen, maar van verbondenheid

Een man. Een hond. Drie kippen. Drie kinderen. Drie kleinkinderen. Leuke buren, vrienden, vriendinnen. Eenzaam? Je zou bijna zeggen: wat is dat?! Als ik me bij de feiten houd, zou er op geen enkel punt in mijn leven reden zijn geweest me eenzaam te voelen. Bovendien is mijn eigenheimer-gehalte enorm hoog en dat beschermt lekker. Maar daar heb ik dan ook jaren en jaren aan gebouwd.

Jarenlang hing een spreuk van Seneca op mijn prikbord. ‘Geluk is jezelf genoeg zijn’. De filosoof schreef het rond het jaar 0. Ik werd rustig van die spreuk. Keerde op slag in mezelf terug, als ik daarbuiten een golf van onrust voelde aankomen. Bijna als de kippen die onder hun hok duiken, zodra de hond bij ze komt buurten.

De spreuk hangt er al lang niet meer. Hij is opgeslagen in mijn systeem.
Ik leef ermee en ben dankzij deze basis een blije eigenheimer die zijn eigen gang gaat en wel verbonden is met anderen, maar niet afhankelijk van ze is. Dat voelt prettig.
Maar eigenheimers als ik zijn niet zomaar aan het bouwen geslagen.
Ik weet maar al te goed wat eenzaamheid is. Hoe het is om je niet ten diepste verbonden te voelen met anderen. Terwijl je daar wel naar hunkert. Mijn gevoel van eenzaamheid was het meest overweldigend toen ik jong was. Veel jonger dan nu. In de tijd dat ik het loeidruk had met drie kleine kinderen, een huishouden, baan, depressieve vader en demente moeder in een verpleeghuis. Juist toen voelde ik me verschrikkelijk eenzaam. Eenzaamheid is niet afhankelijk van het aantal mensen om je heen. Eenzaamheid is afhankelijk van verbondenheid. Het helpt enorm als je kunt uitspreken wat je voelt. En als een ander je hoort.

Ik zal nooit vergeten wat een vriendin me ooit vertelde. Nadat haar moeder was overleden, reed ze naar het strand. Het regende en het stormde. Ze liep langs de vloedlijn en schreeuwde tegen de zee. Heel hard. Heel lang. Regenwater en tranen liepen over haar wangen. Ze zei: ‘Ik voelde me op slag zo in de steek gelaten door haar dood. Zo eenzaam. Dat schreeuwen hielp enorm. Maar het helpt me nog meer als ik het aan mensen vertel die naar me willen luisteren. Dan krijg ik die verbondenheid een beetje terug en wordt mijn gevoel van eenzaamheid heel langzaam minder.’

Ik ben vanuit eenzaamheid gegroeid naar eigenheimer. En een eigenheimer als ik kan heel goed luisteren. Zodat een ander zich gehoord voelt. Hoe gaaf is dat? Hoog tijd om me op te geven als Belbuddy.

En jij? Bellen? Gebeld worden? Het kan allemaal. Verbinden helpt echt.

Ook vrijwilliger worden van de Luisterlijn?
Meld je aan via De Luisterlijn vrijwilliger



Dan helpt zelfs corrigerend ondergoed niet meer!




Ik weet het nog goed, het was een mooie lentedag en ik dacht: ik trek een fleurig jurkje aan, maar ik moest er een beetje aan trekken en draaien. Ik keek in de spiegel… en mijn taille was verdwenen. Plotseling, in één nacht. In de plaats daarvan zat HIJ daar; hij had zich zachtjes terwijl ik sliep in mijn bed laten glijden en zich net boven mijn navel om mij heen gevlijd, vast van plan om nooit meer te verdwijnen: De Rol.

In het begin pikte ik dat natuurlijk niet. Ik zou De Rol er wel onder krijgen. Ik begon fanatiek te sporten en te lijnen. Ik mocht niks meer eten of drinken, ik haatte die stomme apparaten op de sportschool maar het moest, het moest, en ik werd dunner en strakker en ook ongelukkiger want die veelgeroemde endorfinen die door je lijf schijnen te gieren als je sport, lieten het bij mij afweten en ik kon alleen nog maar snakken naar slagroomtaart en rode wijn. De Rol bleef.

Ik kocht corrigerend ondergoed. Een broekje met pijpjes stuwde De Rol weg uit mijn taille. Alleen zat hij ineens onder mijn borsten. Een correctiebody dan: dat zou ’m leren. En ja, toen ik het ding eindelijk had aangewurmd en snakkend naar adem voor de spiegel stond, was hij inderdaad verdreven. Alleen zaten mijn borsten onder mijn oksels en had De Rol zich op de plaats van mijn borsten genesteld. Kansloos. Na je vijftigste is De Rol altijd sterker. Daar is geen sportschool of ondergoed tegen opgewassen.

Gelukkig is De Rol rechtvaardig. Elke vrouw krijgt ’m, vroeg of laat. Ook als ze broodmager is, of helemaal afgetraind. Kwestie van hormonen. Inmiddels weet ik: er zit niks anders op dan De Rol te omarmen. Maar niet te hard, anders zit-ie weer op m’n rug.


Juliette Berkhout


Tien wooncolumns van Binnenkant



Tien van de leukste wooncolumns van Binnenkant zijn hier te vinden!
En al zeg ik het zelf, ze zijn echt heel aardig om eens te lezen....



Hittegolf


Om met de deur is huis te vallen: ik ga niet goed op deze temperaturen.
Ja, nu - om 7 uur -  en in alle vroegte met alle ramen en deuren open is het nu wel lekker.

Beneden hoor ik Wim - door het wagenwijd openstaande raam naast me - het terras vegen en de stoelen en de parasol klaarzetten. En ik ruik dat hij al koffie aan het zetten is, de zaterdagkrant ligt al klaar op de mat, ik heb een heerlijk boek, een hele dikke, met nog ruim een derde te gaan. Dat belooft veel goeds. Straks gaat de boel dicht, de markiezen naar beneden en vanmiddag kunnen we in een relatief koele kamer - met de plantenspuit bij de hand om bij tijd en wijle de benen en de hals af te koelen met een waterneveltje - kijken naar de Tour in ons eigen Utrecht. 

Ik zoek wat gezellige plaatjes uit die illustreren hoe fijn zomer in Nederland er uit kan zien:




En toch zie ik tegen deze dag op. Het warmterecord van Nederland 38,2 graden is behaald in Warnsveld, op 500 meter van ons huis. Als de voorspellingen uitkomen zouden we dat record vandaag wel eens kunnen gaan breken. 

Mijn echtgenoot vindt deze hitte heerlijk: 'Eindelijk eens lekker warm!' Hij is een lange magere man, een echte koukleum, hij gaat rustig een eindje rennen in deze temperaturen, of in de zon in de tuin werken.

Ikzelf blijf bij een bezoekje in onze supermarkt extra lang hangen bij de tijdschriften en het de advertentiebord in de gekoelde aircolucht, om daar eerst moed te verzamelen om de hitte in te duiken die ook echt als een deken over je heen valt zodra je door de deuren bent.
Ik voel me eigenlijk een beetje als deze man hier rechts in de vuilnisbak!


Vandaag zouden we aanvankelijk bezoek krijgen van twee tantes en twee ooms die met een vrije treinreis dwars door Nederland bij ons gezellig zouden komen lunchen. 
Waar ik me erg op had verheugd.

Ik had voor dat bezoekje, behalve een gezellige buitenlunch onder onze parasol, nog andere leuke dingen in op het programma, zoals een wandelingetje naar het oude stadscentrum, daar even over de markt en binnenkijken bij de kringloopwinkel, langs het haventje en een terrasje pikken voor koffie of een ijsje.


Ondanks dat de ooms en tantes eerst nog niet veel bezwaren hadden tegen een 'beetje warmte', leek het me niet gezond voor dit gezelschap van wie er eentje al de tachtig gepasseerd is en de rest aardig op weg is daar naar toe...  Bovendien weet je niet hoe de treinen het houden en onderweg ergens stranden (met die overbelastte treinen richting Utrecht kun je daar op wachten) leek me ook geen pretje. Dus we hebben ons dagje uitgesteld. Jammer, maar voor alle partijen beter. Ook voor mij want eerlijk gezegd zijn dit soort hete dagen waar ik me puffend en klagend door heen sleep niet best voor mijn imago. 

Normaal gesproken heb ik een zonnig humeur, ben ik - als ik goed heb geslapen - redelijk actief en meestal nogal in voor allerlei leuks. Maar deze hitte is funest voor mijn stemming.

Ik sla aan het mopperen. Dat kan ik prima. Over alles, en de hele dag door: 
- Moet je nou eens zien hoe die prachtig bloeiende jasmijn is in een klap uitgebloeid!
- De bank is veels te warm om op te zitten!
- Ons grasveld, tuin, terras enzovoort ziet er niet uit, alles verdort!
- Volgens mij is de koelkast niet koel genoeg (is ook echt zo). 
- Gatsie, alles plakt!
- Mijn nek, rug, hoofd, buik (vul zelf maar in) doet zeer.
- Wil jij de telefoon even oppakken?
- Eigenlijk moet er iemand stofzuigen...
- Heb jij zin om te koken?        

Kortom, ik ben niet de gezelligste. Het is het beste om me maar een beetje in mijn eigen sop te laten gaarkoken.

Het goede nieuws is dat het na vandaag beter gaat worden.
Ik ben van plan om me met de plantenspuit door de dag heen te slaan. Mijn boek uit te lezen, alle puzzels uit de krant te maken, de Tour te bekijken en dankbaar te zijn dat ik niet daar in al die drukte hoef te staan, sowieso, dankbaar te zijn dat ik niet hoef te werken vandaag (Wim wel, maar die ziet daar helemaal niet tegenop) en me nu al vast te verheugen op een andere - koelere - dag met de ooms en tantes. Misschien alvast wat lekkere recepten bedenken, maar ja, dan moet ik wel eerst opstaan om de map te pakken...
ach, laat ook maar....


Tien wooncolumns van Binnenkant


 
Op de website van Binnenkant www.burobinnenkant.nl
 zijn - in het menu - onder het kopje: 'columns'
    nu tien van haar leukste wooncolumns te lezen.

Hieronder kunt u de titels van deze columns alvast bekijken.

Nieuwsgierig?
Wilt u ze lezen klikt u dan hier
 
 
 
 

Echt dé gouden tip!



Voor iedereen die graag creatief met wonen bezig is, heb ik dé gouden tip, die ik met alle plezier met u wil delen : Let op : Scoor een fijn klusmaatje!

Uit eigen ervaring weet ik hoe geweldig dat werkt. Elke dinsdagmorgen staat er een kruis in mijn agenda, want dan ga ik klussen. De ene week bij ons thuis en de andere week bij mijn klusvriendin. Dat houdt in dat wij stipt om 9 uur paraat zijn, een cappuccino nemen, onze klusoveralletjes aantrekken en aan het werk gaan.

Zo ruimen wij graag een overvolle kelder of garage uit om het hele spul op te schonen, te sorteren, te poetsen en alles, uitgezocht en wel, weer in te pakken. Maar we draaien onze hand ook niet om voor het rollen van de overloop of het lakken van een tuinbankje. Of we maken dekbedovertrekken en gordijnen, wisselen alle slaapkamers om of brengen ter inspiratie een officieel werkbezoek aan Ikea. Soms doen we een klus die ons één ochtend kost, maar net zo makkelijk pakken we een 6-sessies-durende klus aan, zoals het compleet schilderen en aankleden van een tot camper omgebouwde bus.

Tijdens het klussen nemen we en passant ons leven en dat van onze geliefden door, wisselen we ideetjes voor feest- en verjaardagen uit, vertellen we elkaar over mooie boeken en films, bespreken de toestand in de wereld en wat we die avond zullen koken. Ook oefent mijn klusmaatje, die naast fysiotherapeut ook ambtenaar van de burgerlijke stand is, soms een huwelijksspeech op mij, waarbij zij mij telkens weet te ontroeren als ze in haar overall trefzeker verhaalt over de alles overwinnende liefde van een, mij totaal onbekend, aanstaand bruidspaar.

We sluiten altijd af met een welverdiende overheerlijke lunch, en gaan ruim voldaan (zo, dat zit er weer op deze week!) verder met al het andere in ons leven.

Het grootste voordeel van samen klussen is dat je met dubbel plezier met zijn tweetjes zeker drie keer zo snel klaar bent dan alleen, en dat je aan dingen begint waar je in je eentje never nooit aan zou beginnen omdat je al moe wordt bij enkel de gedachte.

Het werkt aanstekelijk als je merkt hoeveel je gedaan krijgt op zo’n ochtend en we worden van de weeromstuit steeds stoutmoediger. Zo zie ik nog altijd het ontwaken van een nieuw zelfbewustzijn bij mijn vriendin, toen tot haar doordrong hoe gemakkelijk een elektrische boormachine eigenlijk werkt. Ze boorde pardoes gaten in haar garagemuur om de huishoudtrap en al het tuingereedschap op te hangen, heel nuttig allemaal, maar raakte toen in een soort van boortrance die dreigde naar doorslaan toen ze, met een verwilderde uitdrukking op haar gezicht, kratten bier wilde gaan ophangen.

Er gaat ook wel eens wat mis. Zo heb ik eens met een heel mooie, vloeiende beweging een volle bus verf van de trap weten te stoten die zich uitspreidde over de hele vloer, (gelukkig marmoleum, dus de schade was te overzien) en hebben we samen een keer zo drastisch behang weten te verwijderen dat er uiteindelijk een stukadoor (die trouwens heel aardig bleek, maar daarover een andere keer) aan te pas moest komen om de slaapkamermuur te redden.

Maar wonderwel, er lukt ook van alles.
En we zitten nooit verlegen om een klusplan. Zo weet elke lente ons te inspireren tot fleurig kastpapier in de kasten en het opschonen van verstofte dekenkisten. Of we leuken een saaie keukenmuur op met wat kleur en zelfgefabriekte lampjes.


Tegen Koninginnedag / Koningsdag wordt onze stemming zo mogelijk nog opgeruimder als we door ons huis lopen om alles wat we overbodig vinden op te pakken, om het spul vervolgens op de vrijmarkt te verpatsen. De opbrengst is steevast voldoende om de hele zomer onze rekening bij diverse bouwmarkten (dat zeg ik!) te voldoen, zodat we al met al weinig kosten maken en we zo’n beetje selfsupporting zijn.

Naast ons improvisatietalent is een belangrijke factor in deze successtory onze voorbereiding. Als ik vroeger ineens de geest kreeg om iets te gaan doen was net het schuurpapier op, de winkel dicht of het regende of er belde iemand die ik al een tijdje niet had gesproken of ik moest de krant nog lezen en dat was dan al weer ruim voldoende aanleiding om de plannen maar weer uit en/of af te stellen.

Dat is verleden tijd. Van tevoren schatten we in en schaffen we aan wat we maar nodig zouden kunnen hebben, zodat we geen tijd meer verliezen en daardoor verlopen onze klusochtenden steeds efficiënter en daarmee succesvoller.

Zo kunnen we steeds vaker, als er complimentjes onze kant op vallen, zo achteloos mogelijk zeggen : ‘Ja hoor, helemaal zelf gedaan!’
 


Nat zand en droog zand


Ze wil graag haar woonkamer verande­ren.
Ze is weduwe, moeder van vijf, haar eerste kleinkind is op komst. Haar laatste zoon gaat na de zomer op kamers, straks heeft ze het huis voor haar alleen. De schilder komt over een week of zes, de vloerbe­dekking moet vervangen worden. Ze had graag advies. Ze laat foto's zien.

Wat ik zie is een volgepakte kamer.
Een grote 5-persoons hoekbank met in de hoek daar tegenover nog twee 2-zitters die een hoektafel flankeren. Een salontafel, verschillende bijzet­ta­feltjes en kastjes met daarop stapels boeken en tijd­schrif­ten en een overvolle boekenkast. Aan de muren nog een paar planken met daar­op aller­lei spulletjes uitgestald en daar om heen hangen, lukraak, allerlei schilderijtjes, foto's en tekeningen.

De zithoek is opgesteld rond een openhaard met een doorlopend plateau waarop onder andere de televisie. Aan de andere zijde van de kamer staat de grote eettafel met nog een boekenkast met daarin boeken maar ook veel spelletjes, knutsel- en naaispullen. Ook is er nog een kamerscherm met daarvoor een zitje met op het tafeltje foto's van het gezin en van haar overleden man.
 
De eethoek heeft een mooi parket­vloer­tje en ligt iets hoger dan de zithoek met de te vervangen vloerbedek­king. Op de grens van zit- en eet­hoek staat één prachtige antieke kast die als ik het beter bekijk met één kant op het hogere parketvloertje staat en met de andere kant op een soort van ondersteunende klos op de vloerbedekking in de zit­hoek.
 
Als ik haar vraag om wat plaatjes te verzamelen van de sfeer die ze graag zou willen komt ze met een prachtige room­witte werk­kamer met warm oud hout, zacht schemerlamplicht en mooie accessoires die prachtig uitkomen naast de boeketten met thee­rozen in tere tinten.
Ze vertelt dat heel veel houdt van kleuren die ze omschrijft als nat zand en droog zand.
 
Omdat de gewenste sfeer in niets lijkt op haar huidige inrich­ting neem ik aan dat ze veel weg wil doen. Het gemak waarmee ik voorstel om met een schone lei te begin­nen irriteert haar.
Ze wil heus graag die harmonieuze, verstilde sfeer, maar tegelijk heeft ze moeite met afscheid nemen van het huis waar ze met haar drukke, gezellige gezin zo vol van het leven heeft genoten en wil ze liefst loyaal blijven aan het behang dat haar man nog zelf geplakt heeft de schilderijen die hij zo prachtig vond.
Ze is in tweestrijd en ik zie tranen branden.

Ik besluit de zaak van de andere kant te benaderen. Wat zou ze eigenlijk wèl kwijt willen?
De grote hoekbank kan naar een zoon, de salontafel is echt uit de tijd, de lamp erboven hing toch altijd al vervelend in beeld. 'En het kamer­scherm?' vraag ik hoopvol.'Ja, dat kan mooi naar boven.'

In de plattegrond schets ik wat mogelijkheden.
De twee 2-zitters hebben een prachtig tijdloos model en kunnen opnieuw bekleed worden. We kiezen een prachtige kleur vergrijsd groen. De hoektafel kan daar mooi tussen blijven staan, de antieke kast krijgt een ereplaatsje bij het raam.
 
De boekenkasten kunnen de grote eettafel flankeren. Dat geeft evenwicht en ze lijken samen veel mooier dan afzonderlijk. Zo maakt één en één ineens meer dan twee. Door een betere indeling zien de boekenkasten er als nieuw uit en een nieuwe sprankelende lamp doet de rest.

We raken enthousiast.
'Wat vind je ervan als we aan de korte kant van de zitkamer onder het raam over de hele breedte een vensterbankkast laten maken in een roomkleur net als de rest van het houtwerk? Daar kunnen wat spelletjes in en we kunnen daar fotolijstjes en andere mooie spulletjes op groeperen.'

We zoeken (droog)zandkleurig wollen tapijt uit en romige overgordijnen.
De kinderen zoeken allemaal wat snuisterijen uit. Er blijven een paar bijzonder mooie stukken over die we zorgvuldig de juiste plekken geven. Ze komt met een fraai geschilderd jeugdportret van haarzelf, dat alle aandacht krijgt op een verder helemaal lege wand.

En dan gaat ze zelf de allermooiste fauteuil aanschaffen die ze kan vinden, helemaal voor haar alleen. Ze nestelt zich erin, tafeltje naast zich met alles wat ze maar bij de hand wil hebben.

Na een paar maanden vertelt ze me dat ze erg geniet van de verbaasde blikken als mensen haar nieuwe kamer zien. En van bloemen in huis geniet ze nu ook meer, ze komen zoveel mooier uit.
Ze glundert. Als ik haar goed aankijk lijkt het of ze zelf ook veel mooier uitkomt.
Ja, die nieuwe kamer staat haar heel goed!   

Wat er zoal op mijn pad komt....


Op maandagmorgen zou er een mevrouw op mijn inloopspreekuur komen om kennis te maken. Ze was me op het spoor gekomen via Pinterest. Zij en haar man gaan verhuizen naar een appartement, met alleen hun bed, de rest willen ze nieuw aanschaffen.
Intrigerend, het zou een leuke opdracht kunnen zijn. Ik verheugde me op haar komst.

Die week ervoor had ik mijn man Wim gevraagd of hij de voortuin een beetje wilde fatsoeneren. Het tuintje heeft een leuk, blauw houten bankje op wat grint en een buxushaagje rond een perkje met witte rozen, waar Wim planten uit de achtertuin die 'over' waren tussen had gezet met idee: 'Eens kijken wat dat wordt...' Een heleboel onkruid dus en ook nog uitgebloeid.
Dat is niet het visitekaartje van mijn praktijk dat ik me had voorgesteld.
Ik zei Wim: 'Dat kan zo niet hoor, zeker niet als er een mogelijke opdrachtgever op mijn inloopspreekuur komt...'  Hij beloofde dat perkje te wieden en heeft dat ook keurig gedaan.

Op die maandagmorgen had ik mijn werkkamer opgeruimd en alles voor koffie, thee en koekjes klaargezet. Ik keek nog eens even naar dat voortuintje: Best netjes, maar wel wat kleurloos. Ik zou die bloembak met petunia's van het achterterras wel even bij de voordeur kunnen zetten....

Ik liep met de plantenbak door de keuken toen ik iets zachts voelde ploffen. En het bewoog!  

Er zat een grote pad op de keukenvloer.
Ik keek naar de pad.
De pad keek naar mij.
Hij zat doodstil.
Mijn hart bonkte in mijn keel...


Ik besloot eerst de plantenbak buiten te zetten want er stonden twee deuren tegen elkaar open en ik houd niet van dichtklapperende deuren.
Ik zette de bak naast de voordeur, deed hem dicht, kwam 4 seconden later weer in de keuken.
Pad weg!

Nog erger dan een pad in je keuken is een pad ergens in je keuken, maar je weet niet waar.
Ik speurde rond! Jawel hoor, in een nis onder een plankje zat hij in het hoekje...  Wat nu?
Ik bedacht dat ik hem moest opsluiten in dat hoekje en pakte de oud-papier bak uit de kelderkast en schoof die voor de opening. Ahh...net een centimeter of tien te smal.
En die griezel sprong er net tussen door bijna tegen mijn benen aan. Ahgghaahhpf...

Ik gaf het op. Ik rende naar de buren voor hulp.... Paniekerig stond ik op de bel te drukken! Niemand thuis! Waar is die buurman als je hem het hardste nodig hebt? 
Toen zag ik aan de overkant een mevrouw aan komen lopen... '
Dat is ze vast niet...' hoopte ik inwendig, maar jawel hoor, ze kwam op me af, heel vriendelijk lachend, ze had me al herkend van de foto op mijn website. Ik biechtte maar gelijk op: 'Je komt op een heel vreemd moment, ik heb een pad in mijn keuken en daar ben ik doodsbenauwd voor!'

'Oh, die pak ik wel even voor je, hoor.' zei ze!!!
Ze was bioloog, helemaal nergens bang voor, haar man hield vroeger zelfs slangen!!!
Nou, wij naar de keuken. Daar zat hij weer in zijn hoekje. 'Wat een grote!', zei ze.
Ze probeerde hem met blote handen te pakken toen de pad zich achter mijn koelkast probeerde te verstoppen. Nu is het niet zo dat ik heel graag de blits maak met de ruimte achter mijn koelkast; ik denk dat zich daar menig spinnenwebje en broodkruimeltje ophoudt, maar gelukkig sprong de pad langs haar heen richting buitendeur.

'Oh, hij gaat zelf al', zei de mevrouw vriendelijk.
In drie sprongen zat hij in de klimop aan de overzijde van het terras. Gelukkig wilde ze hem nog wel even verder opjagen zodat hij in het lagergelegen deel in de borders verdween...

Ik moest nog eventjes 'uit' rillen en griezelen, maar ik heb koffie gezet en met deze 'heldin'  haar verhuisplannen besproken en een afspraak gemaakt voor als ze de sleutel zou krijgen.
Toen ik 's avonds Wim vertelde over mijn avontuur met de pad en de manier waarop ik was gered, was zijn commentaar: 'En zei ze nog iets over hoe netjes onze voortuin was?

Een paar dagen later kreeg ik van mijn vriendin Ingrid voor mijn verjaardag wat gezellige plantjes om onze voortuin op te leuken en een schaaltje met lekker chocolaatjes met de opmerking:
'Om te kunnen verwelkomen wat er op je pad komt...'
  




 

Twaalf en een half jaar getrouwd....


Op 2 augustus zijn onze koning en koningin 12 1/2 jaar getrouwd.
Natuurlijk herinnert iedereen zich van 02-02-02 Carel Kraaijenhof en de traan van Maxima.
 

Kijk hier even terug naar Carel Kraaijenhof met Adios Nonino.

Maar ik dacht ook terug aan ons eigen oranje feestje bij ons thuis. 
Op deze feestelijke zaterdag liepen onze eerste gasten rond half tien over de uitgelegde rode loper bij ons naar binnen. Zij hadden gezellige hapjes bij zich voor het oranje buffet en vulden de speciaal voor Het Huwelijk opgestelde vragenlijst in met 22 voorspellingen over het verloop van de plechtigheid:

Wie zou het eerst huilen? 
Wanneer kwam De Kus?
Zou WA een sabel dragen en zo ja links of rechts?
Zou het volk verblijd worden met een muzikale bijdrage van Pieter? 
Hoe zat het met de bruidsmeisjes? 

Na het invullen van de vragenlijst en het inzetten van 2 euro in de prijzenpot (het moet tenslotte wel ergens om gaan) was het afwachten wie de meeste antwoorden goed zou hebben, en we zetten ons voor de televisie om het hele spektakel te gaan volgen.


Voor deze gelegenheid waren wij natuurlijk passend gekleed.
Er waren diverse bruidjes (met sluier en sleep), andere dames hadden zich zo vorstelijk mogelijk uitgedost met handschoentjes, parels en hoed. Een dame werd vanwege haar enorm oranje tulen geval verzocht achteraan te zitten. Heren hadden hun nette pak opgeleukt met oranje stropdassen, wimpels (als sjerp) en avondvierdaagse medailles die in deze context toch voor een officieel tintje zorgden. Ook waren er gasten die de vlag met daarop de bekende verlovingsfoto (verkrijgbaar bij iedere supermarkt) als versiering in hun kleding hadden opgenomen.

Wat betreft de aankleding van ons huis waren we subtiel te werk gegaan.
We wilden niet dat ons feestdecor er uit zou zien als de eerste de beste voetbaltribune, dus hadden we de ramen beschaafd versierd met gouden en oranje kroontjes. Er waren oranje bloemen,  rood-wit-blauwe ballonnen en oranje zakdoekjes voor onze oranjetranen. Het klapstuk van het buffet was een heuse bruidstaart van 3 lagen met een bruidspaartje erop, bedoeld voor de winnaar van onze vragenwedstrijd (die natuurlijk wel geacht werd die taart te delen).

Toen de ceremonie begon was de kledingkeuze van de koninklijke gasten een dankbaar gespreksonderwerp. Zo waren we wel teleurgesteld dat Trix niet in een bontjas verscheen, en dat het aantal wanstaltige hoeden of foute jurken beperkt bleek.
De jurk van Maxima werd 'hoewel aan de katholieke kant’ als voldoende beoordeeld.
De sluier gaf een mooi Argentijns tintje, maar alles bij elkaar vonden we het geheel wel wat vormelijk. We hadden haar (en ons) een vrolijker, sexy-er ontwerp gegund.

Onze beleving van de ceremonie werd nogal gekleurd door gedane voorspellingen.
Zo vond een aantal van ons het bijzonder jammer dat er geen spoor was van een hysterische Emily en dat er best een of andere Koninklijke Uk in een buggy had mogen verschijnen.
Te midden van al de hilariteit en het gedoe zat ik zelf stilletjes te genieten van de inrichting van de Beurs van Berlage, voor mij de verrassing van de hele plechtigheid.

De van zichzelf al prachtige ruimte werd versterkt door de strenge indeling van de zaal, de heldere blauwe loper en de strakke manier waarop de bloemen (mooi in één kleur) waren gebruikt. Aardig was dat het bruidspaar de (voor hen) meest belangrijke gasten in het vizier kon houden in plaats van alleen maar ogen in hun rug te voelen. 
De speciaal ontworpen tafel was natuurlijk het klapstuk. De fikse maat van de tafel was geweldig; In zo’n ruimte moet je wel wat durven en de vorm met de bijpassende stoelen was helder. Het aanschuiven van de getuigen aan de zijkant van de tafel was een vondst, en de troef van de uitroltafel vond ik geestig, verrassend en tegelijkertijd uitblinken door eenvoud.  

 Voor wie het even terug wil kijken Klik hier : De uitroltafel rolt uit na 7.20 minuten....

 

Speciaal in deze zaal, trof het geheel mij vooral als heel ‘Nederlands’.
Tijdloze schoonheid in vorm en verhoudingen zijn al langer terug te vinden in ontwerpen van nationale bodem. Al met al een prettige tegenhanger van die overgedecoreerde nuffige gouden koets met bijpassende lakeien. En zeker door die eenvoud vele malen koninklijker dan onze hilarische verkleedpartij voor de televisie

Wat betreft ons feestje: we hebben veel plezier gehad, Er bleken 3 winnaars met 15 vragen goed. Na afloop aten we de bruidstaart en namen we er een slokje op in het oranjezonnetje.
Even een paar dagen rust voordat de Olympische Spelen zouden beginnen. De meeste oranje versieringen konden we laten hangen voor Gerard, Jochem, Jan, Renate en Gretha.
We waren er toch maar druk mee!
 

Woongeluk



Op die eerste, tintelend frisse, lentemorgen met een helder blauwe lucht, ’s morgens vroeg al het beddengoed afhalen en in de wasmachine stoppen. De dekbedden, kussens en matrassen naar buiten doen in de zon. In de slaapkamer alle stof en spinnenwebben weghalen, het houtwerk en de vloer boenen, de ramen lappen en wijd open laten staan. Het schone wasgoed buiten ophangen en zelf in het zonnetje een lekker kopje koffie nemen.
Aan het einde van de middag het spul van de lijn halen, je bed er weer mee opmaken, en die avond vroeg op één oor in zo'n oneindig fris en superschoon bed, liefst na een heerlijk onspannend warm bad.
Dat is woongeluk! 

Of na een moeilijke tijd een nieuwe start maken door je kamer leeg te halen, alles wit te schilderen, jezelf te trakteren op een uitbundige bos bloemen, een kleurige hangmat op te hangen, en met een flinke stapel boeken en cd’s uit de bibliotheek en een weekendje thuis vakantie te vieren.

Of je best leuke ronde tafel inruilen voor een enorm grote oude leeftafel en tot je genoegen merken dat alle gezinsleden, inclusief de puberzonen, aanschuiven om samen ineens langer aan die tafel te blijven zitten om thee te drinken, huiswerk te maken, te klaverjassen en om bij het natafelen elkaar van alles te vertellen of juist de slappe lach te krijgen.
Of samen ouderwets de afwas doen en ’en passant’ elkaars zorgen en dromen delen.
Of een geslaagd kinderpartijtje geven met poppenkast en pannenkoeken, genieten van de eindelijk ingeplakte vakantiefoto’s, een mooie veelkleurige lappendeken maken of een prachtige televisieserie op dvd huren en achter-mekaar bekijken in een geweldige marathonsessie.

Allemaal woongeluk dat hem vooral zit in het intens genieten van kleine dingen in het huiselijk leven en het delen van gelukkige momenten. Je boft als jouw thuis je volop ruimte biedt voor ontspanning, zodat je tot rust kunt komen en nieuwe energie en inspiratie op kunt doen en waar niet te vergeten ruimte is voor mooie ontmoetingen.
Prachtig allemaal! Jammer genoeg kan het niet altijd feest zijn en zo schuiven er aan de keerzijde van deze woongelukmedaille helaas wel eens wat wolkjes voor de zon.

Zo vergeet je op een mooie lentemiddag het gas onder de risotto, waardoor je lievelingspan voorgoed verloren is om maar te zwijgen van de brandlucht die dagenlang in huis blijft hangen.
Zo stormen de kinderen met moddervoeten binnen, net nadat je de hele benedenboel hebt gedweild.
Zo ben je Heel Belangrijke Papieren kwijt, die je irritant genoeg ergens op een speciale plek had opgeborgen om ze toch vooral niet kwijt te raken.
Zo kieperen je zondagmorgenbeschuitjes met de besmeerde kant naar beneden van je bordje.
Zo weigert om onbegrijpelijke redenen het internet, loopt het badwater niet lekker meer weg, is de zoveelste keukenschaar spoorloos, de witte was roze, of vind je bij thuiskomst de sudoku al ingevuld.
 
Maar absolute topper in de rubriek ‘klein woonleed’ is ’De Eenzame Sok’.
Ik heb een mand vol alleenige sokken die tevergeefs hopen op hereniging met hun tweelingzusjes. Sokken gaan als duo in de was en komen er single weer uit. Hoe kan dat?
De wetenschap kan zwarte gaten traceren, maar tast hierover toch in het duister.
Duidelijk is wel dat, als zo’n verweesde sok na jarenlang afwachten uiteindelijk met de zak van Max mee is, het ontbrekende exemplaar pardoes besluit op te duiken uit de punt van een dekbedhoes of onder de bank vandaan wordt geswifferd. Ik zou natuurlijk doodleuk lichtblauwe met rode sokken kunnen combineren, of 30 paar identieke sokken aanschaffen, maar kunstenares Stef Kreymborg heeft van deze sokkennood een deugd gemaakt.
Zij heeft een kunstwerk gemaakt getiteld ‘Klaagmuur van eenzame sokken’, waarvoor duizenden mensen hun vrijgezelle sokken schonken om te worden verenigd met andere alleenige exemplaren.


 

Zo ben je nog een zielige sok en zo straal je in een kunstwerk.
Dat is nog eens woongeluk!