Heb jij het huis van je ouders moeten opruimen na hun overlijden?
Misschien niet zo effectief maar wel heel geestig
Ik ben niet snel jaloers, maar....
Weet je wat mij altijd een opgeruimd gevoel geeft?
Weet je wat mij altijd een opgeruimd gevoel geeft?
Als ik onze overvolle oud-papierbak heb geleegd in de oud-papier-container naast ons huis, als ik de statiegeldflessen heb ingeleverd in de supermarkt, en de lege batterijen en de kapotte lampen ook, als ik met drie volle boodschappentassen naar de glasbak ben geweest, als ik tegelijk die paar dingen die ik daarvoor had in de textielbak heb gedaan, als ik de zak met plastic verpakkingen, lege melkpakken en blikjes in de PMD container heb gedaan, ons groenemmertje met groenteafval en koffiedrab in onze groenbak heb geleegd en als Wim dan ook nog ons restafval naar de restafvalcontainer heeft gebracht.
En dan liefst allemaal tegelijk, zodat ons huis een hele dag helemaal fris en leeg van afval is.En dan een kopje koffie zetten en daar buiten in het zonnetje van genieten.
Zo waren we weer even vier, of acht of veertien jaar.
Ik kan daar toch zo nijdig om worden!
Van alles lijkt eenvoudig, maar is het dan toch niet...
Opruimdiploma dik verdiend!
- Voor iedere ruimte heb ik een doel voor ogen en dat vind ik heel helpend.
- Ik heb meer ruimte in mijn hoofd.
- Ik heb minder stress van wat er nog gedaan moet worden.
- Als ik het opruimen bijhoud, valt het allemaal wel mee.
- Ik ben blij met alles wat een vaste plek heeft.
- Een mandje met schoonmaakspullen in de badkamer werkt goed voor mij.
- De la in de badkamer blijft overzichtelijk. Elke ochtend doe ik even een snel rondje schoonmaken en opruimen. Kleine klusjes doen voor het grote worden.
- Ik ben me meer bewust van het belang van opruimen en blijven opruimen. Als me dat lukt krijg ik er ook steeds meer plezier in.
- Ik weet nu hoe ik het opruimen aan kan pakken.
- Ik ben blij met alles wat ons huis heeft verlaten.
- Ik ben blij dat ik niet meer gevoelig ben voor wat een ander wegdoet.
- De brievenbakjes in de kast voor de post werken perfect.
- De vertrekplek in de bijkeuken is een succes, naast de kratten voor glas en oud papier.
- Geen stapels kranten en tijdschriften meer.
- De stofzuiger boven is zo handig.
- Niets bewaren omdat we het later misschien nog zouden kunnen gebruiken …… daar zijn we samen goed in geworden.
Elisabeth heeft haar opruimdiploma dik verdiend!
Opruimtip!
Mijn keukenlades georganiseerd op haar manier!
Welk opruimtype ben jij?
We moeten allemaal wel eens opruimen.
De voor-de-visite-opruimers ruimen vooral op voor de visite. Ik hoorde van iemand die de pastoor aan zag komen en alles van de keukentafel in de oven schoof. Het lijkt erop dat mensen die vooral voor-de-visite-opruimen het niet de moeite waard vinden om het huis voor henzelf alléén gezellig en opgeruimd te houden. Dat is jammer, hoe leuk is het om na een middagje poetsen - innig tevreden - puur voor jezelf een bloemetje in huis te halen.De klaar-voor-de-crisis types willen voorbereid zijn op slechte tijden. Het zijn de ’Dat is zonde om weg te gooien, want je weet maar nooit!’ types. Ze halen ritsen en knopen uit hun oude kleren, hebben een provisiekelder vol blikvoer en kasten vol zeep en zoveel plastic tasjes en elastiekjes in voorraad dat ze nooit op raken. Misschien kan het klaar-voor-de-crisis-type meer uit het leven halen als hij of zij leert om iets minder bang te zijn voor rampspoed en schaarste.
De hebbers zijn hamsteraars, de ’Doe je dat kastje weg? Mag ik het dan?’ types. De ‘In de reclame neem ik er altijd 12 van!’ types. Het zijn meestal geweldige goede koopjesjagers. Als ze iets voor een prikkie kunnen meenemen zullen ze dat niet laten, ook al hebben ze er thuis al genoeg van. Dit soort types moeten zich tegen zich zelf beschermen. Boodschappen doen met een lijstje en eerst iets opmaken of wegdoen voor ze iets nieuws kopen.
De struisvogels zijn de types die er voor zorgen dat alles er voor het oog keurig opgeruimd uitziet, maar soms de deuren van de kasten niet meer dicht krijgen.
Lades zijn al jaren niet meer open geweest, alles is overvol, achter een deurtje.
Ze houden niet van rommel en zorgen dat ze die dan ook niet hoeven te zien.
Ze vergeten wat ze allemaal aan spullen bezitten en moeten vaak lang zoeken als ze iets willen terugvinden. Andere mensen kunnen ook niet helpen zoeken, want een goed systeem is er niet.
Struisvogels leven op een rommelbom. Als ze gaan verhuizen zijn ze voorlopig nog niet klaar.
Een struisvogel zou eens een foto moeten maken van kasten met de deur open. Confronterend, maar wel een hele goed aanmoediging om eens flink te gaan ontspullen.
De weggooiers zijn mensen die, als ze dan eindelijk de stap nemen om te gaan opruimen, in de paniek schieten en van de weeromstuit van alles gaan weggooien. Ze geven ongewild hun diploma’s met de vuilnisman mee. Later hebben ze spijt. Weggooiers moeten er voor waken dat ze niet te veel tegelijk willen doen als ze gaan opruimen. Ruim in alle rust een uurtje op. Stop op tijd. Of vraag iemand (niet ook een weggooier) om gewoon eens even mee te kijken.
De rechtleggers zijn de opruimtypes bij wie alle handdoeken op precies dezelfde manier gevouwen moeten worden. Flessen wijn moeten met het etiket naar voren in de kast staan. En blijven staan. Elk schilderij hangt exact waterpas. Alle kleding in de kast hangt precies op kleur. Dit soort types zijn lastig om mee samen te leven, omdat alles op hun manier moet gebeuren, of omdat ze werk van anderen doodleuk overdoen. Ze kunnen zich pas ontspannen en concentreren als er niets meer in de weg ligt of hun afleidt.
De chaos-is-juist-creatief-types willen het niet te strak opgeruimd hebben omdat ze hun creativiteit niet willen verliezen. Alles efficiënt opbergen en structureel alles wat overbodig is weg doen maakt dat dit type het plezier zou missen van precies op het juiste moment (toevallig) iets terug vinden. Met een beetje rommel zou het puur gevoelsmatige, het onbewuste en het intuïtieve in henzelf worden gestimuleerd. Met (een beetje) chaos heeft dit type het gevoel dat hij of zij meer in harmonie is met het leven. De balans daarin is alleen wel een dunne lijn. Een beetje chaos kan ontsporen in een enorme chaos. Steeds naar van alles moeten zoeken en groeiende irritaties en frustraties kunnen de creativiteit ook nadelig beïnvloeden.De systeemzoekers zijn mensen die bij het opruimen steevast beginnen met het kopen van telkens weer nieuwe handige opruimattributen. Zij richten hun hoop op de nieuwe technische snufjes, heel handige stapelkratjes en digitale gadgets maar vergeten soms dat ze toch zelf aan de slag moeten. Een systeemzoeker kan het beste eerst de hoeveelheid spullen verminderen, daarna bekijken wat voor soort opruimsysteem hij of zij nodig heeft en dan pas met meetlint bij de hand dat gaan kopen.
De vasthouders zijn de types die spullen van vroeger willen houden. Ze kunnen geen afstand doen van de kast (met houtworm) die nog van oma is geweest of van die oude versleten theedoek die al zo vaak mee is geweest op vakantie. Ze zijn bang dat ze zonder de bijbehorende spullen zich mensen en situaties niet meer zouden kunnen herinneren. Als vasthouders leren hoe ze minder krampachtig vast hoeven te houden aan vroeger kunnen ze waarschijnlijk meer van het moment zelf genieten. Bovendien leren ze zo dat mooie herinneringen vooral in henzelf (en niet in hun spullen) geborgen zitten.
De liggenlaters zijn de mensen die altijd bang zijn spullen te vergeten als ze het niet meer in het zicht hebben liggen. Uit het oog wordt bij hen (denken ze) dan al snel uit het hart, en daarom stallen ze van alles om zich heen uit en dat ontaardt al snel in een enorme zooi waar niemand aan mag komen want anders raakt het maar kwijt. De sleutel voor de liggenlater is om vaste plekken te bedenken voor wat het huis in komt, zoals bijvoorbeeld post in een la. Zo leert hij of zij er op te vertrouwen dat de spullen, die uit het zicht, maar wel op een vaste plek zijn opgeborgen, altijd terug te vinden zijn.
Spullen hebben een vaste plek nodig, voor verplaatsers is dat helemaal belangrijk. Begin met een vaste plek voor een paar dingen die steeds 'kwijt zijn' zoals sleutels of schaar en breidt dat stap voor stap uit.
De proppers blijven maar stouwen in de kast en jawel hoor: spullen passen er (vaak) nog net bij, maar proppers zijn lang bezig om iets uit de kast te pakken of vergeten wat ze hebben en kopen dan maar nieuw. Proppers zijn gebaat bij meer lucht en overzicht in hun kasten. Ze kunnen het beste na elk opruimbeurt steeds als ze denken dat ze klaar zijn toch nog iets wegdoen.
Voor deze opruimen-is-zo-saai-types is het zaak om van elke klus een uitdaging te maken.
Ze kunnen bijvoorbeeld de was gaan ophangen met een muziekje erbij of te proberen een recordtijd neer te zetten. Of ze kunnen voor de verandering alle was op kleur of op maat hangen, ondertussen met een vriend bellen of met een cd meezingen. Maak er gewoon wat van en zorg desnoods voor een heel spannende beloning! (dat kun je wel aan de eigen fantasie van dit type overlaten...)
De pubers zeggen juist te gedijen bij een rommelige omgeving.
Ze vinden het wel avontuurlijk om de grenzen van de chaos op te zoeken. Ook al is het als ouder van zo’n puber moeilijk voor te stellen, hun eigen rommel kan ook staan voor veiligheid en warmte. En ter bemoediging: Meestal komt het wel weer goed als pubers op eigen benen leren staan.
Voor dit type is het een uitdaging om elke klus (hoe klein ook) af te ronden. Doe liever een paar kleine klusjes helemaal dan een reuzeklus half. De sleutel ligt in het indelen van grote klussen in haalbare kleinere klussen. de krant zit te lezen, terwijl zijn vrouw zich pas kan ontspannen als de tafel is afgeruimd,
de stoelen zijn aangeschoven, de ontbijtboel is afgewassen en alles netjes is opgeruimd.
Soms is er een list te verzinnen om meer op elkaars lijn te komen of zijn er afspraken te maken om elkaar niet te veel in het vaarwater te zitten. Maar het lijkt in ieder geval goed om ieders gevoeligheden uit te spreken en te proberen om begrip voor elkaars karaktereigenschappen op te brengen. Het helpt nu eenmaal wel als je zeker weet dat iemand geen rommel maakt puur om jou dwars te zitten of te ergeren. En het helpt ook om af en toe even te helpen om alles netjes op orde te krijgen, ook al was dat voor jou persoonlijk niet zo enorm hard nodig geweest.
Om het meer eens te worden kunnen afspraken gemaakt worden over opruimcriteria zoals:
'Dus als ik thuis kom en het is mijn beurt om te koken tref ik een schoon en leeg aanrecht aan!'
'Alleen het wasgoed dat in de wasmand ligt wordt gewassen.'
Kortom: voer voor psychologen, en wellicht een dankbaar onderwerp voor een gezellige huisvergadering.
Tien foefjes van de opruimcoach!
Voor iedereen die maar moeilijk afstand kan doen van spulletjes maar dat tóch wil of moet doen zijn hier tien afdank/opruimfoefjes.
In het algemeen is het sowieso goed om bewust een keuze te maken om spullen weg te doen en na te denken over een goede herbestemming. Zomaar je halve inboedel in een kliko mikken is niet duurzaam en je kunt ook voor jezelf beter even de tijd te nemen voor een goed afscheid.
Dat klinkt misschien raar, maar zeker als je de spullen die weg mogen graag, veel of intensief gebruikt hebt, kun je ze in gedachten even bedanken voor bewezen diensten.
Het wegdoen van overtollige spullen heet niet voor niets 'afdanken'.
T

2 Neem de grootte van de opbergruimte als maatstaf
3 Maak een foto
4 Zet alvast apart
5 Doe weg wat niet gebruikt is
6 Doe weg wat niet gemist wordt
7 Kies voor wat mooier uitkomt
8 Gebruik de twijfeldoos

9 Gebruik de datum doos
Doe spullen die je op termijn wel weg zou willen doen
10 Laat het lot beslissen
Als je het helemaal niet meer weet, laat dan het lot beslissen.
Klussen met zussen of vriendinnen
Onderstaand berichtje kwam ik tegen op het wereldwijde web:
'Mijn twee zussen en ik hebben zo'n zes keer per jaar een 'Klussen met zussen' dag. Dit kan natuurlijk ook met broers. We voeren dan bij één van de zussen gezamenlijk klussen uit: de tuin winterklaar maken, ramen lappen, oven schoonmaken, schilderen, dakgoot schoonmaken, klerenkast opruimen, etc. Alles dus waar je zelf niet aan toekomt of wat je echt vervelend klus vindt. We zoeken zelf de klus uit die het meest bij ons past en pakken een hele dag flink door.
Dit werkt heel goed, want vele handen maken licht werken en die vervelende klussen zijn altijd leuker om voor iemand anders te doen dan voor jezelf!' Ilona
Deze tip deed me denken aan de tijd dat ik zelf een fijn klusmaatje had, waarover ik dit schreef:
Uit eigen ervaring weet ik hoe geweldig dat werkt. Elke dinsdagmorgen staat er een kruis in mijn agenda, want dan ga ik klussen. De ene week bij ons thuis en de andere week bij mijn klusvriendin. Dat houdt in dat wij stipt om negen uur paraat zijn, een cappuccino nemen, onze klusoveralletjes aantrekken en aan het werk gaan.
Zo ruimen wij graag een overvolle kelder of garage uit om het hele spul op te schonen, te sorteren, te poetsen en alles, uitgezocht en wel, weer in te pakken. Maar we draaien onze hand ook niet om voor het rollen van de overloop of het lakken van een tuinbankje. Of we maken dekbedovertrekken en gordijnen, wisselen alle slaapkamers om of brengen ter inspiratie een officieel werkbezoek aan Ikea. Soms doen we een klus die ons één ochtend kost, maar net zo makkelijk pakken we een 6-sessies-durende klus aan, zoals het compleet schilderen en aankleden van een tot camper omgebouwde bus.
Tijdens het klussen nemen we en passant ons leven en dat van onze geliefden door, wisselen we ideetjes voor feest- en verjaardagen uit, vertellen we elkaar over mooie boeken en films, bespreken de toestand in de wereld en wat we die avond zullen koken. Ook oefent mijn klusmaatje, die naast fysiotherapeut ook ambtenaar van de burgerlijke stand is, soms een huwelijksspeech op mij, waarbij zij mij telkens weet te ontroeren als ze in haar overall trefzeker verhaalt over de alles overwinnende liefde van een mij totaal onbekend, aanstaand bruidspaar.
We sluiten altijd af met een welverdiende overheerlijke lunch, en gaan ruim voldaan (zo, dat zit er weer op deze week!) verder met al het andere in ons leven.
Het grootste voordeel van samen klussen is dat je met dubbel plezier met zijn tweetjes zeker drie keer zo snel klaar bent dan alleen, en dat je aan dingen begint waar je in je eentje never nooit aan zou beginnen omdat je al moe wordt bij enkel de gedachte.
Het werkt aanstekelijk als je merkt hoeveel je gedaan krijgt op zo’n ochtend en we worden van de weeromstuit steeds stoutmoediger. Zo zie ik nog altijd het ontwaken van een nieuw zelfbewustzijn bij mijn vriendin, toen tot haar doordrong hoe gemakkelijk een elektrische boormachine eigenlijk werkt. Ze boorde pardoes gaten in haar garagemuur om de huishoudtrap en al het tuingereedschap op te hangen, heel nuttig allemaal, maar raakte toen in een soort van boor'trance' die dreigde naar doorslaan toen ze, met een verwilderde uitdrukking op haar gezicht, kratten bier wilde gaan ophangen.
Er gaat ook wel eens wat mis. Zo heb ik eens met een heel mooie, vloeiende beweging een volle bus verf van de trap weten te stoten die zich uitspreidde over de hele vloer, (gelukkig marmoleum, dus de schade was te overzien) en hebben we samen een keer zo drastisch behang weten te verwijderen dat er uiteindelijk een stukadoor (die trouwens heel aardig bleek, maar daarover een andere keer) aan te pas moest komen om de slaapkamermuur te redden.
Maar wonderwel, er lukt ook van alles.
Tegen Koninginnedag / Koningsdag wordt onze stemming zo mogelijk nog opgeruimder als we door ons huis lopen om alles wat we overbodig vinden op te pakken, om het spul vervolgens op de vrijmarkt te verpatsen. De opbrengst is steevast voldoende om de hele zomer onze rekening bij diverse bouwmarkten (dat zeg ik!) te voldoen, zodat we al met al weinig kosten maken en we zo’n beetje selfsupporting zijn.
Naast ons improvisatietalent is een belangrijke factor in deze successtory onze voorbereiding. Als ik vroeger ineens de geest kreeg om iets te gaan doen was net het schuurpapier op, de winkel dicht of het regende of er belde iemand die ik al een tijdje niet had gesproken of ik moest de krant nog lezen en dat was dan al weer ruim voldoende aanleiding om de plannen maar weer uit en/of af te stellen.
Dat is verleden tijd. Van tevoren schatten we in en schaffen we aan wat we maar nodig zouden kunnen hebben, zodat we geen tijd meer verliezen en daardoor verlopen onze klusochtenden steeds efficiënter en daarmee succesvoller.
Zo kunnen we steeds vaker, als er complimentjes onze kant op vallen, zo achteloos mogelijk zeggen : ‘Ja hoor, helemaal zelf gedaan!’









.jpg)
.jpg)












