Deze afgelopen dagen werden bij ons gedomineerd door ziekte.
Wim werd eerste kerstdag niet lekker wakker
met verhoging, een nare hoest en hoofdpijn.
Hij had woensdag net een negatieve coronatest gehad,
maar een gewone verkoudheid met een nacht vol hoest,
leek hem geen goed recept voor het geplande bezoekje
aan onze dochter, haar vriend en de twee kleinkinderen.
Even slikken, want we hadden ons er enorm op verheugd.
Toen hoorden we dat het met mijn schoonvader niet goed ging.
De tweede kerstdag zouden we daar naar toe zijn gegaan.
Maar je wilt ze niet aansteken met die hoest.
Ik ben er alleen even naar toe gereden om de boodschappen
die we van te voren al gehaald hadden te brengen.
De zussen van Wim kwamen allebei om te helpen.
Mijn schoonvader is 91 en had echt hulp nodig.
Helaas moest hij vanmiddag toch met de ambulance
naar het ziekenhuis voor nader onderzoek.
Toen kon Wim zijn broer gelukkig mee.
Het is spannend voor de hele familie,
maar vooral voor mijn schoonmoeder.
Ze houdt hem liever thuis, want zo zei ze:
'We hebben elkaar juist nu zo hard nodig.'
En mijn dochter appte net dat onze kleinzoon
van net een jaar ook weer ziek is.
Koorts, rode wangen, diarree.
Hopelijk zijn het alleen maar nieuwe
tanden of kiezen die hem dwars zitten.
Ik kan niet veel uitrichten om te ondersteunen.
Mijn spanningsniveau is eigenlijk al hoog.
Dat heeft te maken met de therapie die ik onderga
bij psycholoog van het ziekenhuis na mijn borstkanker.
Er wordt van alles aan emoties opgehaald en verwerkt.
Er komt een boel op me af en ik sta nogal 'open'
voor van alles wat me stress en verdriet brengt.
De corona en de kersttijd helpen daarbij niet.
En het ziekenhuis waar mijn schoonpa ligt is
voor mij gekleurd met allemaal nare herinneringen
uit de tijd dat mijn moeder daar steeds opgenomen lag,
op allerlei afdelingen, maar ook op de hartbewaking.
Ook in mijn eentje zorg dragen voor een koortsige baby
gaat op dit moment mij te veel stress opleveren.
Dus daar inspringen lijkt me ook al niet goed.
Verder heb ik zelf al een paar dagen kiespijn.
Morgen maar eens een tandarts opzoeken.
Daar word ik ook niet blij van.
Kortom, ik voel me hopeloos tekort schieten.
En ik ben bang voor nog meer slecht nieuws.
Ik wilde dat ik sterker was.