Hoe groot (of klein) mag een logeerplek zijn?



Ik mag voor een verbouwing van een woonboerderij nadenken over het maken van een logeerplek.
En dan zonder teveel ruimte te gebruiken / af te snoepen van de deel waar deze ruimte komt.

Hoe klein mag zo'n plek dan zijn? 
En wat wil je daar als logee kunnen doen?

Als ik er nu even niet vanuit ga dat degene die komt logeren rolstoelafhankelijk is 
zou bovenstaande indeling heel praktisch kunnen zijn.

De ruimte is maar 419 cm breed en 373 diep, 
maar biedt plaats aan een bed van 140 x 200 met twee nachtkastjes, 
een televisie aan het voeteneind, een kledingkast van 120 x 60.
Er is minimaal sanitair met een aparte douche, wc en wastafel, 
twee stoelen aan een werkblad met daarin ook een gootsteentje en kookplaatje.
En belangrijk een schuifpui met ramen / deuren? naar buiten.

Ik zou me hier wel redden, maar voor anderen is het misschien te klein...



Kleurige harten dag....





Het maken van kleurige harten hoort voor mij echt bij Valentijn.

Je kunt ze leggen met een regenboog aan potloden, 
ze rijgen met gestanste harten uit een regenboog van kleurstalen.

Of je kunt ze knippen en plakken van landkaarten van de mooiste plekken 
waar je samen geweest bent of graag naar toe zou willen.

Voor ons zou dat niet moeilijk of verrassend zijn: 
met alle mooie plekken van Vlieland maak ik zo een lijst vol! 


Een hele mooie dag gewenst!


Onze ouwelui...




Mijn schoonmoeder (84) ging begin december haar paspoort verlengen op het nieuwe stadhuis
en wandelde daarvoor door de nieuwe voetgangers spoortunnel van station Zwolle. 
Er stond daar een vleugel en ze bedacht zich geen moment: 
ze ging er achteren zitten en speelde (toepasselijk) een paar kerstliedjes.
Al snel bleven mensen staan om te luisteren en mee te zingen.Ze kreeg applaus. 
Toevallig liep er ook een vriend van mijn zwager door die tunnel die mijn zwager belde 
om te vertellen dat zijn moeder het heel gezellig maakte daar op station Zwolle.
De hele familie was natuurlijk trots.
Omdat er toen geen foto was gemaakt ging mijn schoonzusje laatst 
met haar moeder naar het station om haar - pianospelend - op de gevoelige plaat vast te leggen.


Tegelijk maakte ze ook een foto van mijn schoonvader (86) die heel actief is, 
dagelijks de krant bijhoudt, zijn eigen belastingen uitrekent, bezig is op de computer, 
het zware werk doet in de huishouding (mijn schoonouders hebben nog geen dag hulp gehad), 
elke dag een eind wandelt en - onder andere - elke week gaat biljarten.


 En als laatste een foto van mijn moeder (82) die afgelopen maand 
in heel benauwde toestand met spoed naar het ziekenhuis moest. 
Na drie weken met heel intensieve zorg is ze toch zo opgeknapt 
dat ze nu mag revalideren in een verpleeghuis vlak bij haar eigen huis.
Ze kan weer worden gedoucht, zit aangekleed en wel weer op een (rol)stoel, 
doet oefeningen bij fysio- en ergotherapeut, eet driegangenmaaltijden, ontvangt bezoek,
gaat naar de kapper, leest haar post, kijkt televisie en wordfeut weer lekker mee op haar tablet.
Als het goed blijft gaan mag ze mogelijk volgende maand weer naar huis.
Daar hadden we vorige maand nog niet aan durven denken...

Kortom, onze ouwelui doen het geweldig!



Extra aanrechtruimte in de keuken



Dat is nou fijn:
extra aanrechtruimte in een keuken,
(dus niet direct naast fornuis of gootsteen)
voor allerhande apparaten en bijvoorbeeld de broodtrommel.
Met een paar plankjes erboven: gezellig en praktisch...



Jeugdfoto's



Op de 5-wekelijkse vergadering van onze woongroep (www.woongroepdenaobers.nl) wordt meestal naast dat we veel en intensief overleg voeren ook een leuke/ontspannen/gezellige activiteit georganiseerd. Zoals een muziekquiz, raadsels oplossen, een spannend spel of iets bouwen/samenwerken. Dit om elkaar beter te leren kennen en op een ontspannen manier te leren hoe we samen ons probleemoplossend vermogen kunnen trainen. 

Pas werd gevraagd om een jeugdfoto van 4 - 10 jaar op te sturen. Daar wilden ze iets leuks mee doen. Wim heeft deze twee foto's van ons uitgezocht. Hier zijn we allebei een jaar of 5.

Grappig is dat ik Wim hier een onderwijzer in de dop vind. Hij zit echt iets te vertellen. En laat hij nu onderwijzer geworden zijn. Op latere leeftijd heeft hij zich laten omscholen tot verzorgende bij ouderen, maar toen ik met hem trouwde was hij onderwijzer. 

Zelf sta ik hier voor de fotograaf op de kleuterschool te doen of ik een huis aan het tekenen ben. Dat laatste is natuurlijk best aardig omdat ik later als binnenhuisarchitect heel wat huizen heb getekend, en dan wel iets 'creatiever' als deze... Verder valt me op hoe geposeerd ik er bij sta. Niet iets wat ik van mezelf herken, maar ja de fotograaf zal hier een idee mee gehad hebben. Enne.... ik voel nog de pijn bij dat korte haar. Ik had vriendinnen met de mooiste vlechten en paardenstaarten, maar mijn moeder vond dat maar niets. Dat getut met die haren...

Afijn, meer dan 50 jaar later denk ik dat de leden van onze woongroep geen enkele moeite zullen hebben om ons hier uit te herkennen.



Limonadeglazen uit de jaren 70





In mijn tienerjaren dronken we limonade en thee uit dit soort glazen.
Kleurrijk en vrolijk!



Ida Gerhardt en Zutphen....



Een mooi afscheidscadeau voor Burgemeester Gerritsen, 
dat nu voor iedereen te zien is in de Gravinnenhofsteeg te Zutphen. 



Opruimtypes, met bijpassende opruimtips!


Vorig jaar in maart heb ik 'mijn' opruimtypes ook al eens beschreven op dit blog, 
maar het kan vast geen kwaad ze weer eens te herhalen

Opruimtypes
(met de bijpassende opruimtips) 

We moeten allemaal opruimen, en niemand doet dat echt moeiteloos.
Iedereen heeft valkuilen, we hebben allemaal wel een beetje last van 'iets'. 
Dat geeft ook niet, soms is het vermakelijk als je de humor er van in kunt zien.

Hieronder benoem ik opruimtypes, met de tips die juist dit type zich ter harte zou kunnen nemen. 
Misschien herkent u zichzelf in een of meerdere types? Of herkent u een huisgenoot? 
Iets om te overdenken ofwel een gespreksonderwerp voor een gezellige avond thuis!


De voor-de-visite-opruimers ruimen vooral op voor de visite. Ik hoorde van iemand die de pastoor aan zag komen en alles van de keukentafel in de oven schoof. Het lijkt erop dat mensen die vooral voor-de-visite-opruimen het niet de moeite waard vinden om het huis voor henzelf alléén gezellig en opgeruimd te houden. Dat is jammer, hoe leuk is het om na een middagje poetsen - innig tevreden - puur voor jezelf een bloemetje in huis te halen.

De klaar-voor-de-crisis types willen voorbereid zijn op slechte tijden. Het zijn de ’Dat is zonde om weg te gooien, want je weet maar nooit!’ types.  Ze halen ritsen en knopen uit hun oude kleren, hebben een provisiekelder vol blikvoer en kasten vol zeep en zoveel plastic tasjes en elastiekjes in voorraad dat ze nooit op raken. Misschien kan het klaar-voor-de-crisis-type meer uit het leven halen als hij of zij leert om iets minder bang te zijn voor rampspoed en schaarste.

De hebbers zijn hamsteraars, de ’Doe je dat kastje weg? Mag ik het dan?’ types. De ‘In de reclame neem ik er altijd 12 van!’ types. Het zijn meestal geweldige goede koopjesjagers. Als ze iets voor een prikkie kunnen meenemen zullen ze dat niet laten, ook al hebben ze er thuis al genoeg van. Dit soort types moeten zich tegen zich zelf beschermen. Boodschappen doen met een lijstje en eerst iets opmaken of wegdoen voor ze iets nieuws kopen.

De zig-zaggers zijn voor veel mensen heel herkenbaar. Een zig-zagger wil de keuken opruimen, vindt een boek dat niet bij de kookboeken in de keuken hoort en loopt naar de boekenkast in de kamer. Die is vol, maar er kan wel wat uit wat er eigenlijk niet hoort. De zig-zagger vindt tussen de boeken een stapeltje rekeningen en even later is de zig-zagger de administratiemap aan het ordenen. Uiteindelijk gebeurt er in de keuken weinig. Beter is om de ruimte die opgeruimd moet worden niet te verlaten. Spullen er niet thuishoren worden verzameld in dozen/kratten bij de deur, uitgesplitst in: Elders opbergen in huis, Vertrekplek of Afvalscheiding. Aan het einde van de opruimklus wordt de inhoud van deze kratten nog even verwerkt.  

De slechte beginners wachten tot ze in de juiste ‘mood’ zijn. Ze komen niet op gang of weten niet waar ze moeten beginnen. Ze zijn blij dat ze zich kunnen laten afleiden door een telefoontje ofzo. Een slechte beginner kan proberen om eens met iemand anders op te gaan ruimen. Als er een afspraak in de agenda staat moet hij of zij wel…. 

De weggooiers zijn mensen die, als ze dan eindelijk de stap nemen om te gaan opruimen, in de paniek schieten en van de weeromstuit van alles gaan weggooien. Ze geven ongewild hun diploma’s met de vuilnisman mee. Later hebben ze spijt. Weggooiers moeten er voor waken dat ze niet te moe zijn als ze gaan opruimen. Ruim in alle rust een uurtje op. Stop op tijd. Zet de eierwekker. 

De rechtleggers zijn de opruimtypes bij wie alle wijnflessen met het etiket in dezelfde richting horen te staan. Alles dient precies op dezelfde plek te worden teruggezet. De kleding hangt op kleur en alles moet op dezelfde manier gevouwen worden. Dit soort types zijn lastig om mee samen te leven, omdat alles op hun manier moet gebeuren, of omdat ze werk van anderen doodleuk overdoen. Ze kunnen zich pas ontspannen en concentreren als er niets meer in de weg ligt of hun afleidt. Bent u zelf zo’n type, probeert u dan een beetje minder streng te zijn. Laat bewust eens iets liggen. Dat leeft wel zo makkelijk en u leert dat er geen rampen gebeuren als u de teugels wat laat vieren.

De chaos-is-juist-creatief-types zijn de types die het niet te strak opgeruimd willen hebben omdat ze bang zijn hun creativiteit te verliezen. Voortdurend efficiënt opbergen en structureel alles wat overbodig is weg doen maakt dat dit soort types het plezier zou missen van precies op het juiste moment (toevallig) iets terug vinden. Met een beetje rommel zou het puur gevoelsmatige, het onbewuste en het intuïtieve in henzelf worden gestimuleerd. Met (een beetje) chaos heeft dit type het gevoel dat hij of zij meer in harmonie is met het leven. Weet alleen wel, dat de balans daarin een dunne lijn is. Een beetje chaos kan ontsporen in een enorme chaos. Voortdurend naar van alles moeten zoeken en groeiende irritaties en frustraties kunnen de creativiteit ook nadelig beïnvloeden.

De systeemzoekers zijn mensen die bij het opruimen steevast beginnen met het kopen van telkens weer nieuwe handige opruimattributen. Zij richten hun hoop op de nieuwe technische snufjes, heel handige stapelkratjes en digitale gadgets maar vergeten soms dat ze toch zelf aan de slag moeten. Een systeemzoeker kan het beste eerst de hoeveelheid spullen verminderen, daarna bekijken wat voor soort opruimsysteem hij of zij nodig heeft en dan pas met meetlint bij de hand dat gaan kopen.

De perfectionisten willen alles zo vlekkeloos doen dat ze maar liever ergens niet aan beginnen als het niet precies kan worden wat ze er zelf van verwachten (perfectie dus). Perfectionisten zullen ook op andere gebieden, zoals hun werk, last hebben van perfectie dwang. Het goede nieuws is dat een perfectionist juist het opruimen als een testcase kan gebruiken om hiermee te leren omgaan. De perfectionist kan thuis vrijelijk experimenteren met verschillende manieren van opruimen die voor hem of haar goed zouden kunnen uitpakken, zoals leren om op tijd te stoppen (ook als het nog niet af is), toch maar ergens aan beginnen (ook al heeft hij of zij maar een kwartiertje) en verdragen dat als het een keer geen tien kan worden een klein zeventje toch tevreden kan stemmen.

De liggenlaters zijn de mensen die altijd bang zijn spullen te vergeten als ze het niet meer in het zicht hebben liggen. Uit het oog wordt bij hen (denken ze) dan al snel uit het hart, en daarom stallen ze van alles om zich heen uit en dat ontaardt al snel in een enorme zooi waar niemand aan mag komen want anders raakt het maar kwijt. De sleutel voor de liggenlater is om vaste plekken te bedenken voor wat het huis in komt, zoals bijvoorbeeld post in een la.  Zo leert hij of zij er op te vertrouwen dat de spullen, die uit het zicht, maar wel op een vaste plek zijn opgeborgen, altijd terug te vinden zijn. 

De vasthouders zijn de types die spullen van vroeger willen houden. Ze kunnen geen afstand doen van de kast (met houtworm) die nog van oma is geweest of van die oude versleten theedoek die al zo vaak mee is geweest op vakantie. Ze zijn bang dat ze zonder de bijbehorende spullen zich mensen en situaties niet meer zouden kunnen herinneren. Als vasthouders leren hoe ze minder krampachtig vast hoeven te houden aan vroeger kunnen ze waarschijnlijk meer van het moment zelf genieten. Bovendien leren ze zo dat mooie herinneringen vooral in henzelf (en niet in hun spullen) geborgen zitten.

De proppers blijven maar stouwen in de kast en jawel hoor: spullen passen er (vaak) nog net bij, maar proppers zijn lang bezig om iets uit de kast te pakken of vergeten wat ze hebben en kopen dan maar nieuw. Proppers zijn gebaat bij meer lucht en overzicht in hun kasten. Ze kunnen het beste na elk opruimbeurt steeds als ze denken dat ze klaar zijn toch nog iets wegdoen. 

De dat-zie-ik-toch-niet-types zijn de mensen (meestal mannen) die steevast over de spullen die op de trap liggen om mee naar boven te nemen heenstappen. Dit soort types doet wel de afwas maar ruimt niet alle schone vaat op en vergeet een doekje over het fornuis te halen. Ze zijn echt heus van goede wil, maar uit zich zelf zien ze niet wat er gedaan zou moeten worden. Voor degenen die dat wel zien is het lastig zich voor te stellen dat het geen luiheid of onwil is. Ruzie maken is meestal niet erg effectief. Vragen om de klus alsnog  - of een volgende keer beter - te doen wel. En uitgebreid bedanken helpt ook!




Noaber en noaber!



Noaber en noaber in 't plat.

'Ze knooit d'r weer duchtig op lös!'

Een superleuk filmpje van buurman en buurman 
(in dit geval noaber en noaber) die samen een hondenhok bouwen.

Vooral ook leuk voor alle naobers van onze woongroep 'De Naobers'
die ook willen gaan bouwen, maar dan geen hondenhok, 
maar een nieuwbouwproject met 24 appartementen voor 50-plussers
rond een gemeenschappelijke tuin in de vorm van een hofje. 
Met daarnaast nog een gemeenschappelijke woonkamer, 
logeerkamer, atelier/klusruimte wasserette en fietsenberging.
En dat allemaal pal achter het station in Zutphen.

Deze maand horen we dan eindelijk of de financiering rond is 
en of we dit jaar nog van start kunnen gaan met de bouw!

In de tussentijd kijken we dan maar naar buurman en buurman in 't plat.
'Mit noaber 'n noaber kumpt 't good!' 



Huisjes









Ik hou heel veel van kleine huisjes.
Huisjes in hout, in keramiek, 
huisjes alleen of in een rijtje, 
maar het allermeest hou ik van strandhuisjes...



Winterslapen in een binnenhangmat



Wie zegt dat je je hangmat alleen in de zomer in de tuin tussen de bomen kunt hangen?
Als je er de ruimte voor hebt is het ook heerlijk om binnen in huis een fijn winterslaapnestje
 te maken in een schommelende hangmat met een paar wollige, warme dekens en kussens. 
Met een fijn muziekje, een kop thee en een heerlijk boek kom je die sombere dagen wel door.



Enne, zo'n mooie strak vormgegeven hangmat is ook nog eens een lust voor het oog!
Welterusten!


Slimme plattegrond!


Deze niet al te grote woning heeft maar aan een kant ramen en licht, maar de bedenker 
is er toch in geslaagd om wel drie ruimtes aan de buitenlucht te laten grenzen. 

Leuk met die naar voren geschoven slaapkamer. Als je vanuit deze kamer 
naar de badkamer gaat, loop je langs de zitkamer in plaats van hinderlijk er door!

De slaapkamer ernaast heeft weliswaar maar een klein raam, 
maar wel een grote 'doorloop' kledingkast en een eigen badkamer. 

De keuken ligt niet aan het raam maar heeft wel een handige indeling met de hoge delen 
zoals koelkast en een fornuis/afzuigkap tegen de muur en een eiland-achtig blok er tegenover. 
Daardoor wordt de keuken deels afgesloten, waardoor je niet voortdurend 'in de keuken zit' 
als je aan het eten bent of in de 'living', wat een groot woord is voor een bescheiden zithoek.

Er is weinig ruimteverlies aan verkeersruimtes, want de hal is tegelijk ook deel van de keuken. 
Handige plek voor de wasmachine, uit het zicht dat kleine nisje.

Ja leuke plattegrond!


Uitdaging update!



Op 5 januari schreef ik op dit blog over de uitdaging die ik 'kreeg' van mijn man Wim.
Binnen een jaar onder de 80 kilo wegen. Laten we zeggen 79.
Met een startgewicht van 91 komt dat neer op elke maand 1 kilo er af.

Na twee maanden met mijn gebroken been omhoog zitten was beweging een actiepunt. 
En ik besloot nog meer dan anders gezond te eten, geen 'crash' dieet te volgen.

Binnen een uur na de gestelde uitdaging had ik op Facebook gevraagd 
of er iemand was van wie ik een hometrainer kon lenen. En jawel hoor! 
De volgende dag werd deze door de eigenaar met zijn busje bij ons afgeleverd.
Hij wilde hem ook zeker niet voor april terug, want hij stond bij 
hem enorm in de weg nu hij zijn huis in de verkoop had staan.
Dus op de plek van de kerstboom kwam de hometrainer te staan.
Een ding waar je op kunt fietsen (onbelast voor mijn enkel) en ook de armen kunt meebewegen.
Het heeft een schermpje waar je de tijd, de verbruikte joules en de temperatuur op ziet.
Het was wennen. Het zadel moest lager, ik gleed er op naar voren. Maar toen kon ik van start. 

Wat een ellende. Ik was binnen een halve minuut buiten adem en uitgeput.
Ik verzon steeds smoesjes om niet te hoeven fietsen.
Gelukkig vroeg een vriend eens of ik wilde voordoen hoe dat nu ging.
En die constateerde dat hij veel te zwaar stond.
Ik zat gelijk in de verzuring en dat kon niet de bedoeling zijn.
Het ging er om dat mijn bloed lekker moest stromen, 
mijn ademhaling iets sneller zou gaan en mijn hartslag ook.
We hebben hem lichter gezet en toen kon ik beter volhouden.
We begonnen met 5 minuten en na een pauze weer 5 minuten.
En nu zit ik al op een half uur achter elkaar. En dat twee keer per dag.
(Soms een enkele keer niet als het er gewoon niet van komt vanwege drukte.)
Ik kijk dan ondertussen naar een televisieprogramma, want anders vind ik het te saai.
Daarnaast kreeg ik oefeningen van de fysiotherapeut om beter te leren lopen.
Mijn enkel werd nog snel dik, stijf en pijnlijk. Maar dat gaat ook langzaam beter.

Toen het eten: Ik probeer een keer per dag havermout te eten met wat walnoten.
Verder volkoren brood met ongezoet beleg of pittige 30-plus kaas, appelstroop of pindakaas.
Liefst geen koekjes, voldoende fruit, niet elke dag wijn, en liefst maar 1 glas.
Met het warm eten lukte het al om gevarieerd, en vooral met veel groenten te eten.
    S'avonds bij de koffie een cracker/rijstwafel met kaas en daarna alleen nog thee.
Soms heb ik wel 'gezondigd'. Op een verjaardag een klein stukje taart of een bitterbal of chips.
Maar echt heel summier eten met 'pakjes of zakjes'. Dat voelt goed en is wel vol te houden.

Vanmorgen stond ik op de weegschaal!
We hebben een ouderwetse weegschaal met een pijltje.
Die kan alleen hele en halve kilo's aangeven en een stand die ik noem min of plus.
Vanmorgen was het 90 min 
(nog geen 89.5 wat het overigens al wel eens geweest is)
Nog steeds op schema dus, maar met de verwachting dat het waarschijnlijk gaandeweg 
wel lastiger zal worden, maar ik kan dan de strijd opvoeren door meer gaan bewegen.
En strenger te worden met eten....


Bestekset: 'Dieet'

De momenten waarop ik het moeilijk vind om niet de fout in te gaan zijn als iets me aangeboden wordt, als ik moe ben en als ik vind dat ik iets heel moeilijks heb gedaan.
De afgelopen maand waren er toch veel van die momenten 
omdat mijn moeder met ernstige benauwdheidsklachten in het ziekenhuis ligt.
Dan komt er een boel op je af, wat ik zwaar vond.
Gelukkig staan er veel lieve mensen om ons heen. 
En door mijn moeder zo ziek te zien ben ik extra gemotiveerd 
om voor mijn eigen gezondheid te vechten en door te zetten.

PS Wat ook helpt is dat mijn tante ook aan het lijnen is 
en we afgesproken hebben om elkaar elke maandag 'de stand' door te geven.
Dat doet ze overigens vooral voor mij, want zelf gaat ze als een malle, 
maar ik neem het in dankbaarheid aan want alle kleine beetjes helpen.
Over een maand weer een update!