Sfeervol plaatje!




Van zo'n sfeervol plaatje kan ik wel genieten.
Mooie stoel, mooi uitzicht, leuk die vogel,
poef en plaid erbij en ook nog een kat.
Wat wil een mens nog meer?



Mijn hormonen en ik



Op 12 november had ik mijn laatste bestraling en op donderdag 14 november nam ik de eerste pil van mijn anti-hormoontherapie. Tamoxifen. De oncoloog had me gezegd dat ik na een week of twee wat bijwerkingen kon verwachten. De meest voorkomende bijwerkingen zijn opvliegers, pijn in de gewrichten en emotionele overgevoeligheid. Maar die bijwerkingen zouden ook in de loop van de tijd weer wat kunnen afvlakken. We hebben een afspraak gemaakt voor 30 december en daarbij gesteld dat wat er dan nog aan bijwerkingen was blijven waarschijnlijk ook wel zou blijven.

De eerste twee weken voelde ik niets. Ik kreeg de hoop dat ik nu eens de dans zou ontspringen.
Toen kreeg ik wat stevige opvliegers. Soms zo stevig dat ik er eens even bij moest gaan zitten, hoe handig is een koffiehoekje in de supermarkt dan!!

Daarna kreeg ik pijn in mijn voeten en ook in mijn knieën als ik in bed lag en in mijn rug als ik te lang in een houding zat. Nou ja, vervelend, maar niet zo erg om er een pijnstiller voor te nemen.

Toen beviel onze dochter van kleine Marijn. Wat was ik blij. En opgelucht. En wat waren de bomen mooi in de herfstkleuren als we er langs reden. En hoe kon ik genieten van alles wat zo goed ging.

Toen kwam er leuk bezoek. Wat had ik me er op verheugd! En hoe gezellig was het. En toen ze weg waren was ik ineens helemaal OP. Echt OP.  

Dat was raar. Ik was zo moe en overprikkeld dat ik het even niet meer wist. Ik moest rust nemen, dat was duidelijk. Maar hoe dan? Lezen? Beetje tv kijken? Ik moest al die prikkels van me af laten glijden. Ik had geen puf om iemand te bellen. Ik was alleen, Wim was naar het werk. Dat was eigenlijk wel fijn. Maar ik voelde me niet echt mezelf. Net of er iemand anders in mij was gekropen. Toen bedacht ik voor het eerst dat dit wel van de hormoonpillen kon komen. 

De volgende dag gingen we koken voor een lieve, oude vriendin die niet lang meer te leven heeft. We draaien mee in een pooltje van mensen die om haar heen staan. Ik vond het deze keer moeilijker om aan te zien. Ze wilde niet veel eten en was wat in de war. Hoe naar. We hebben ons best gedaan, maar ik ging verdrietig weg.

Die woensdag zou ik met mijn vriendinnen eten. Normaal gesproken ben ik er altijd bij. Ik krijg daar altijd energie van. En nu heb ik na lang twijfelen afgezegd. Ik was zo moe en zo gevoelig voor narigheid. Ik zou geen goed gezelschap zijn. Daar schrok ik wel van. Hoe moet het nu met mij als wat ik normaal het liefste doe, zoals gezellige dingen organiseren me ineens teveel is? 

Ik werd er bang van. Ik heb de hele nacht met mijzelf overlegd en maakte in de vroege ochtend Wim wakker en zei dat ik er over dacht om te stoppen met de hormoonpillen. Ondanks dat het toch voelde als verliezen. Ik had het zo graag een kans gegeven om te zien of het nog zou wennen.

Wim vond het prima. 'Overleg maar met de oncoloog eind december. Eerst maar eens kijken hoe het gaat als je stopt'. Die dag ging ik een paar uurtjes op bezoek bij onze dochter om onze verse kleinzoon opnieuw te bewonderen en een beetje te helpen met Sammie die op woensdag niet naar de opvang gaat. Ik kwam moe thuis, maar ik heb mijn verzet daartegen gestaakt en kon daar lekker aan toegeven. 

De volgende morgen voelde ik me beter en.... ben ik weer met de pillen doorgegaan. Niets veranderlijker dan een mens. Het voelde ineens toch beter om het nog een kans te geven. 

Ik heb het met de psycholoog besproken en die vind dat ik wat liever mag zijn voor mezelf. Gewoon mag uiten dat het allemaal niet zo leuk is. Dat ik wel kan WILLEN dat ik het allemaal aankan, maar dat het beter is om mezelf ruimte te geven en niet alles GEWOON door te blijven doen. 

Eens kijken of mijn stemming en ik weer in balans komen in de komende weken.

Toch blijft het vreemd om te ervaren dat dat ene kleine pilletje zo'n invloed op mijn stemming heeft. Mooie dingen vind ik mooier. Moeilijke dingen vind ik moeilijker. Mijn zenuwen liggen allemaal open en bloot. Je hoeft maar met een vinger te wijzen of ik ben geraakt.

En sowieso zijn mijn hormonen en ik veel eerder dan anders helemaal VOL of OP en als we pech hebben VOL & OP.  Arme Wim.



Stop met opruimen, wees een sloddervos



Trouw - 07.12.2019

Vijf jaar na het verschijnen van 'Opgeruimd' van de Japanse opruimgoeroe Marie Kondo zijn we er wel een beetje klaar mee, al dat ontspullen en minimaliseren. Waarom zouden we gelukkig worden van boenen, schrobben en weggooien?
CINDY CLOIN

Heeft u het boek van Kondo ook in een hoek gegooid of zweert u erbij? En waarom? Niet iedereen is een Marie Kondo. De Japanse zorgde er sinds het verschijnen van haar boekje 'Opgeruimd' in 2014 voor dat overal ter wereld mensen de overvloedige spullen in hun huis die ze geen 'plezier' meer brachten gingen 'bedanken' voor bewezen diensten, om ze vervolgens weg te gooien. Met Kondo's mantra 'Geeft het je nog plezier?' hield je bijna niets meer over.
Zelf ben ik geen Marie Kondo. Bij elke oprisping om mijn huis vol speelgoed, knutselspullen en uitpuilende keukenkastjes eens grondig aan te pakken, kijken mijn kinderen elkaar meewarig aan. Weer zo'n opruimaanval van hun moeder die hoopt met lege kastjes ook een leger hoofd te krijgen. Gelukkig waait het meestal snel weer over. Maar moet het ook? Maakt het je leven opgeruimder, gelukkiger misschien?

'Onzin', zegt schrijver en journalist Marian Donner. Donner schreef het 'Zelfverwoestingsboek', eigenlijk een pamflet voor slordiger leven dat deze zomer verscheen. Ondertitel: 'Waarom we meer moeten drinken, stinken, branden en dansen.' Donner: 'We voeren een oorlog tegen onszelf. We blijven maar schrobben en boenen, boeken op kleur in de boekenkast zetten, kattenharen wegzuigen die er de volgende dag opnieuw liggen, in de hoop dat het ons een opgeruimde geest en een opgeruimd leven oplevert.'

Er zijn zeker mensen die uitstekend gedijen in een huis vol spullen en die een hartgrondige hekel hebben aan opruimen, weet Lammy Wolfslag van de Nederlandse Beroepsvereniging Professional Organizers. "Minimaliseren en ontspullen zijn de laatste vijf, zes jaar absoluut een hype, waarschijnlijk is er inderdaad sprake van het Marie Kondo-effect."
En dat is niet per se zaligmakend, vindt zelfs de professional organizer. 'Een ordentelijk huis en een minimalistische inrichting werkt misschien voor de één, maar voor de ander totaal niet. Ik zeg altijd: al staat je huis bomvol, er hoeft nog geen paperclip weg als je dat niet wilt. Er zijn allerlei overwegingen voor mensen om niet op te ruimen. Omdat je gehecht bent aan spullen en bijbehorende herinneringen, omdat je je tijd liever anders besteedt, omdat je het zonde vindt spullen zomaar weg te doen die je misschien ooit nog kunt gebruiken, omdat je het zo gezellig vindt al die prullaria. Maar...'

Natuurlijk is er een maar. 'Opruimen betekent keuzes maken', zegt Wolfslag. 'Als iemand heel veel spullen heeft, zou je dat kunnen zien als veel uitgestelde beslissingen. Hoe komt het dat iemand niet beslist wat hij of zij ermee wil? Als je je eigenlijk niet prettig voelt bij al die spullen, je er onrustig van wordt of elke dag behoorlijk wat tijd kwijt bent met het terugvinden van iets, dan is het misschien verstandig om wél op te ruimen. Ook al heb je er een hekel aan.'
Voor bijna iedereen geldt dat het lekker is als je huishouden min of meer op de automatische piloot gaat. Als het thuis een totale chaos is, dan drukt stress van bijvoorbeeld je werk zwaarder. Je hoeft niet in een klinische omgeving te wonen, maar zorg er op zijn minst voor dat je huishouden een werkbaar systeem is.'

Je van troep ontdoen om zo jezelf opgeruimder en gelukkiger te voelen. 'We willen onszelf voortdurend verbeteren en onder controle hebben', constateert Marian Donner. Volgens Donner, die zichzelf ziet als notoire sloddervos, zijn wijzelf het probleem niet maar zit het probleem in de wereld om ons heen. 'Onze wereld is gericht op beter en meer, waarin niets ooit genoeg is en je altijd productiever kan en moet zijn.' En dan gaat het niet alleen over een opgeruimd huis. Op alle leefgebieden worden we geacht een betere versie te worden van onszelf. Leef gezond! Wees dankbaar! Vind je geluk! Maak een plan, yes you can, spark joy! De hele zelfhulpindustrie die continu oproept in jezelf te investeren, is volgens Donner ondraaglijk streng, en ondraaglijk nuchter. 'Tegelijkertijd kampen veel mensen met stress, depressies en eenzaamheid. Wie weet is op deze manier proberen te leven wel schadelijk voor de geest.' In haar boek roept ze dan ook op om de teugels wat meer te laten vieren. 'Rook, drink, maak troep. Het is niet per se gezond, maar je voelt je in elk geval vrijer. En misschien maakt het wel gelukkiger'.

Michel Dijkstra, onafhankelijk geleerde op het gebied van oosterse filosofie, wijst erop dat we in alle opruimwoede niet moeten vergeten dat Kondo uit Japan komt en dat haar methode een flinke dosis oosterse filosofie ademt. 'Ze is sterk beïnvloed door shinto, de oorspronkelijke Japanse levensbeschouwing die staat voor verbinding met anderen en met de natuur. Er is respect voor alle objecten, ongeacht of iets leeft of levenloos is.'
Een belangrijk onderdeel van shinto zijn rituelen rondom zuiveren en schoonmaken, iets wat je ook duidelijk terugziet in het dagelijks leven in Japan. 'Wie schoonmaakt reinigt tegelijkertijd zijn geest én loopt minder kans op ongeluk', licht Dijkstra toe.
Met die achtergrond is het vanzelfsprekend dat je je oude lamp met respect bejegent, deze bedankt en hem daarna pas weg doet. Dijkstra: 'In de oosterse filosofie gaat het niet om het grote geluk of grote veranderingen in het leven. De westerse invulling is wat instrumentalistisch. Alsof je met opruimen direct een hoger doel bereikt in je leven. Dat is natuurlijk niet zo, maar de utopie verkoopt.'

Overigens vindt Donner ook weer niet dat we allemaal sloddervossen en rommelkonten moeten worden. 'Mijn bureau ligt vol troep en ik ben mijn sleutels altijd kwijt. Het is misschien minder perfect en efficiënt, maar ik gedij erbij. Leven betekent voor mij dat dingen vies worden en dat er spullen liggen. Ik wil niet als een schoonmaakmachine tekeergaan. En ik durf te beweren dat ongetwijfeld voor veel meer mensen geldt dat ze zich een stuk gelukkiger zouden voelen wanneer ze niet langer de druk voelen om op te moeten ruimen.'

Opruimen heeft niet alleen een individuele, maar ook een culturele betekenis,
vertelt Walter Weyns, cultuursocioloog aan de universiteit van Antwerpen. 'Opruimen is een vorm van reflectie. Wat vinden we de moeite waard om te bewaren aan stoffelijke zaken, aan tradities. Wat willen we doorgeven aan anderen en wat mag voorgoed verdwijnen? Opruimen krijgt zo bijna iets existentieels. In onze moderne samenleving overheersen rationele argumenten: iets moet vooral nuttig en functioneel zijn. Is dat niet het geval, dan kan het eigenlijk wel weg is de heersende gedachte.'

De boodschap van Kondo klinkt volgens Weyns bijna betoverend. 'Het gaat niet alleen om het wegdoen van spullen die geen nut voor je hebben. Je begint met iets kleins als het ordenen van je sokken en warempel: het kan, alles in je leven veranderen. Wat een belofte, wat een manier om regie over je eigen leven te krijgen.' Maar zo werkt het niet, denkt ook Wolfslag. 'Een kast uitmesten kan een kortdurend geluksgevoel geven, omdat het overzicht en rust in je hoofd brengt. Onderschat niet hoe lekker dat kan voelen. Maar jouw opgeruimde kastje is niet per se het begin van iets groters, van geluk.'
En stel dat het wél lukt om door je huis op te ruimen meer grip te krijgen op je leven. 'Hoe saai zou dat zijn?' vraagt Weyns zich af. 'Het rommelige, het speelse, het onverwachte kan je namelijk ook een gevoel van vrijheid en een boost aan creativiteit geven.'

Als het je prima bevalt om te leven in een rommelig en vol huis, hoef je niet te voldoen aan het maatschappelijk ideaalbeeld. Wat meer troep in huis, is een zegen voor velen. Dijkstra: 'Je kunt slaaf worden van je streven naar orde en rust. Misschien is vreugde in wanorde dan toch een beter alternatief.'


Els: 'Een paar jaar geleden verhuisde ik naar een kleiner huis. Er moesten wel spullen weg omdat het niet meer paste, maar dat vond ik zo lastig! Alles wat ik in huis heb, heeft betekenis. Neem bijvoorbeeld een tas met spullen van mijn eerste man. Hij was mijn grote liefde en is jong overleden. Je denkt toch niet dat ik zijn spullen wegdoe of in het rommelhok bij de fietsen zet? Hij verdient een plekje in huis.
In de dingen om me heen voel ik de aanwezigheid van mensen die er niet meer zijn. Maar ik voel ook de aanwezigheid van mezelf beter. De spullen maken wie ik ben. Als ik rondkijk, kan ik warm worden van alle herinneringen. De kentekenplaat van mijn eerste auto, een kaasstolp die we kregen bij ons huwelijk. Ik sleep hem sinds 1980 mee, terwijl ik helemaal geen kaasstolp gebruik. De kleren van mijn overleden moeder draag ik zelfs nog. Mijn zoons zijn gewend aan een rommelig huis. Zij klagen er niet over, we kunnen er prima in leven zo.

Ik erger me dood aan opruimgoeroes die zeggen dat je moet ontspullen. Als ik me ergens aan stoor, dan is het niet dat het huis vol staat, maar aan het feit dat ik niet genoeg schoonmaak. Het is moeilijk bijhouden met poetsen. Ik heb te veel schilderijtjes en voorwerpen voor aan de muur, dus staan ze ertegenaan. Net als stapels met boeken. Het benauwt me als ik bedenk dat ik misschien de tijd niet meer heb om alles te lezen. Het is mijn fear of missing out.'


Leuk dit artikel in Trouw: 
Ik ben wel benieuwd naar jullie mening over opruimen.
Over opruimen in de zin van ordenen, sorteren, wegdoen, afdanken.
Word je er blij van? Geeft het je rust en ruimte? 
Of word je er juist geïrriteerd en treurig van?

Ik vind het leuk om daar wat blogjes over te maken.
Mail me jouw ervaringen, als je dat wilt.
Fijne dag!


Maak er een lampje van...






Met al die grote cappucino's van tegenwoordig
blijven die gezellige leuke thee- en koffiekopjes
natuurlijk alleen maar in de kast staan.

Als we daar nu eens een leuk lampje van maken?



Ik ben te klein!




We zijn een paar dagen aan het bijspringen
in het gezin van onze dochter.
Onze schoonzoon is flink ziek,
hoge koorts, keelpijn en beroerd.

Onze kleindochter van 15 maandjes
is aan het opknappen van een fikse griep,
waterpokken en een oorontsteking.

De kleine Marijn doet het voorspoedig,
maar heeft ook elke twee uur de borst nodig.

Onze dochter is nog in haar kraamtijd.
Maar de hulp was vrijdag voor het laatst. 

Dus alle hulp is geboden.
Ik ben zo bezig met het voeden van iedereen
dat mijn eigen eetschema van alleen eten 
tussen 12.00 en 20.00 uur er helemaal bij inschiet.
Ik was juist zo lekker bezig om weer op 
een gezond gewicht te komen.

Laatst mopperde ik tegen Wim 
over mijn strijd tegen de kilo's.
Hij kan namelijk eten wat hij wil 
en blijft slank - lees broodmager.

Hij stelde voor om dan maar 
te proberen om iets langer te worden... 

Grapjas!!

PS Het is natuurlijk geen echt probleem, zeker niet
vergeleken met mijn herstel van de borstkanker,
maar soms is het fijn om over zo iets simpels 
iets te mopperen te hebben.



Het gevoel van verbonden zijn, daar kom je thuis!


Ik ben bezig met mijn winterrondbrief. In een stukje over mijn zoektocht naar hoe om te gaan met de over elkaar buitelende crisissen die we tegenwoordig meemaken, kwam ik nog maar eens weer uit bij het troostrijke gedachtengoed van Matthijs Schouten.

Hij zegt: 'Het gevoel van verbonden zijn, daar kom je thuis!'

Matthijs Schouten (1952) is ecoloog, godsdienstwetenschapper, hoogleraar Natuurbeheer in Ierland en Wageningen, strateeg bij Staatsbosbeheer, boeddhist en meditatieleraar.
Hij ziet hoe de aarde kapot dreigt te gaan, maar toch blijft hij hoopvol: 'Ik ben zo blij dat ik in mijn werk contact heb met jonge mensen, mijn studenten. Ik zie wat zij aan oplossingen bedenken. Ik zou simpelweg niet anders kunnen dan hoop hebben. Dat is ook wat ik in mijn boeddhistische training geleerd heb: je kunt alleen maar zo goed mogelijk doen wat je doet. Wat het resultaat zal zijn weet je toch niet. Als je erg bezig bent met het resultaat houdt het op, dan gaat het mis. We zijn door een web van verbindingen en betrekkingen verbonden met de wereld om ons heen. Alles wat we doen en zeggen heeft daarom invloed, alleen kunnen we de reikwijdte nooit overzien.'




Ik heb ooit een Ted Talk van hem gehoord in TEdxApeldoorn. 

Hij heeft diepe indruk op mij gemaakt. 

Iedereen kan het bekijken.

Klik hier
Het is in het Engels, niet ondertiteld.


En later hoorde ik hem spreken in televisieprogramma:
'De verwondering'.

Wie het ook eens wil horen klikt hier 
Gewoon in het Nederlands.

Van harte aanbevolen!






Blij weer naar huis!



Vanmorgen moest ik al vroeg bij de oedeem therapeute zijn voor mijn eerste behandeling. Ik zag er wel tegen op en inderdaad viel het ook niet echt mee. Ik heb in mijn borst rond het litteken harde plekken die deze Inge wil proberen los te masseren om daarmee het vocht er uit te krijgen. Dat gaat niet met zachte hand. Ook zet ze een apparaatje in. Maar ze ziet er tegelijk ook wel fiducie in, dus dat betekent ik wekelijks terug moet / mag komen voor deze behandeling.

Ik liep terug naar de uitgang toen ik doorkreeg dat men daar in afwachting was van Sinterklaas. Hij zou na een kleine toespraak gelijk naar boven gaan, naar de kinderafdeling.

Tegelijk kon ik me meer verzoenen met mijn lot. Je zal toch maar een kindje in het ziekenhuis hebben liggen. Dan maar veel liever zelf 'aan de beurt' zijn, wat trouwens eigenlijk ook niet heel erg, maar op zijn hoogst 'onaangenaam' is.

Dus blij ging ik weer naar huis. Op naar een kopje koffie! 
   




Marijn




Op 29 november om 7.21 uur is onze kleinzoon Marijn Joris geboren.
Hij is helemaal gezond: 4100 gram en 52 cm.
Hoe meer gelukkig kun je dan zijn?

Diezelfde vrijdag mochten we hem al komen bewonderen.
Een heel gaaf mannetje die iets heel bekends in zijn snoetje had, 
maar er toch ook weer heel anders uitzag als zusje Sammie. 

  

Deze foto kreeg ik vanmorgen vroeg.
Zo lief!

Straks ga ik op bezoek, dan kan ik met hem knuffelen, zodat zijn moeder ook wat aandacht kan besteden aan Sammie, die ook nog maar vijftien maanden klein is en bovendien, de waterpokken, een oorontsteking en een griep achter de rug heeft en wel wat aandacht van haar eigen moeder kan gebruiken.

Dat knuffelen is natuurlijk helemaal geen straf.

Er is weinig wat ik zo leuk vind als met zo'n klein mannetje in mijn armen zitten en mijn ogen uitkijken, want daar kan ik helemaal geen genoeg van krijgen.




Een dag met een gouden randje!


Wij kregen mijn tante Catrien, oom Joop, 
mijn nichtje Marianne en haar vriend Mark op bezoek.
Ze wilden wel eens zien hoe we hier nu wonen.

Het was een dag vol kou en mist. 
Tijdens een wandelingetje werden deze foto's gemaakt:




Maar binnen hadden we het zo gezellig!
Marianne had heerlijk notenkoek gebakken 
en we kregen heel veel verwencadeautjes 
en een mooie pot met roze hyacinten.

 Deze foto maakte Wim door de balkondeuren
toen we aan het natafelen waren na de lunch.

Een dag met een gouden randje!


Eerste advent!




In ons nieuwe huisje hebben we 
geen opbergplek meer voor onze adventskrans.

Daarom heb ik gisteren onze oude jaren-60 kandelaar 
een mooi plekje gegeven op de keukenkast,
en de eerste kaars aangestoken 
toen het buiten dichttrok van de mist 
en het al bijna begon te schemeren.

PS Ik heb onze oude krans nog even opgezocht.
Twee jaar geleden zette ik hem op ditzelfde blog
samen met deze sterretjesfoto's. 

Wat een pak sneeuw hadden 
we toen al voor de kerst!